Middelbare scholieren mogen dinsdag na elf weken weer gedeeltelijk naar school. Scholen zijn druk bezig met aangepaste roosters en het inrichten van de anderhalvemeterschool. Maar daar komt voor sommige scholen een extra puzzel bij: het leerlingenvervoer.

Premier Rutte riep leerlingen op om op de fiets te komen of om zich door ouders te laten brengen, maar voor een deel van hen is dat niet mogelijk. Naar een ruwe schatting van de VO-Raad is dat het geval bij zo'n 4 procent van de leerlingen, zo'n 40.000 ongeveer.

Hoe gaat het straks als scholieren met het ov naar school moeten? En hoe zit het dan met die mondkapjes? NOS Stories pakte blacklight en fluorescerend poeder om daar achter te komen:

Voor die leerlingen moet dus vervoer worden geregeld, een taak die Rutte gedeeltelijk bij de scholen legde. NOS Stories deed een rondgang langs 20 scholenkoepels om te zien wat zij van de oproep vinden.

"Dit zagen we niet aankomen", zegt Bram Donkers van Scholengemeenschap Nuovo. Onder de Utrechtse scholengroep valt ook een internationale school. "Die leerlingen komen uit alle hoeken van de regio en moeten dus ver reizen. Het is een hele puzzel en we zijn geen taxibedrijf."

Volgens de protocollen is het de bedoeling dat scholen inventariseren welke leerlingen met het openbaar vervoer moeten, met welke vervoerder ze gaan en op welke halte en op welk tijdstip ze opstappen. Die informatie geven scholen vervolgens door aan regionale vervoerders, zoals Arriva, EBS of NS. Aan hen dan weer de taak om te kijken waar extra lijnen en bussen moeten worden ingezet.

School heeft gezegd: probeer te fietsen, of laat je ouders je brengen. Maar fietsen duurt anderhalf uur, dus dat gaat hem niet worden.

Merle Nobel, 14 jaar

Bij de Wolfert van Borselen scholengroep in Rotterdam geven ze aan niet de capaciteit te hebben om dit te regelen. Daarom hebben ze het initiatief bij de ouders gelegd. "Die kunnen vaak zelf een oplossing bedenken. Kunnen ze dat niet, dan vragen wij ze om contact op te nemen met ons zodat we in gesprek kunnen met de vervoerders."

Leerlingen zelf maken zich ook zorgen. Merle Nobel van 14 woont in Dordrecht, maar gaat naar school in Rotterdam: "School heeft gezegd: probeer te fietsen, of laat je ouders je brengen. Maar fietsen duurt anderhalf uur, dus dat gaat hem niet worden. En mijn ouders kunnen me niet elke dag brengen."

En voor de 16-jarige Sophia is het ook nog even spannend. "Ik woon in Amsterdam en zit op school in Soest. Dat zorgt ervoor dat ik elke dag anderhalf uur heen en twee uur terug met het ov moet. Ik vind het spannend om weer in het ov te zitten, want ik heb kwetsbare mensen in mijn omgeving. Die wil ik niet besmetten."

Uit een enquête van de VO-raad blijkt dat twee derde van de scholen afspraken heeft gemaakt met regionale vervoerders. Bij veel scholen wonen leerlingen dichtbij, en komen ze bijvoorbeeld met de (elektrische) fiets. Stichting VO Zeeuws-Vlaanderen ging direct om tafel met de regionale vervoerders. "Toen concludeerden we dat de drukte in de spits hier bijna volledig wordt veroorzaakt door scholieren", zegt Piet de Witte. ''Dat maakt de opgave beduidend simpeler, want er zullen nu veel minder leerlingen met het ov gaan.''

In Limburg waren aanvankelijk wel zorgen bij scholenkoepel LVO, maar die verdwenen weer toen vervoerder Arriva aankondigde zeven gesloten scholierenlijnen weer op te starten.

Hoewel het de taak is van de scholen om te inventariseren welke leerlingen met het ov moeten, zijn vervoerders verantwoordelijk voor dat uiteindelijke vervoer. Pedro Peters van OV-NL, de vereniging van alle openbaarvervoerbedrijven, heeft er vertrouwen in. "Het is voor ons ook de eerste keer, maar we verwachten dat veel leerlingen gewoon in de normale dienstregeling passen. We houden in de gaten of de lijnen overvol raken en gaan elke paar dagen evalueren om te kijken waar extra maatwerk en extra lijnen nodig zijn."

STER reclame