Mirjam Bolle en Haim Roet NOS

Honderdduizenden overlevenden van de Holocaust trokken na de Tweede Wereldoorlog naar Palestina, waar in 1948 de Joodse staat Israël werd uitgeroepen.

Hendrik Roet (87) groeide in de jaren 30 op in een Joods gezin in Amsterdam. Tijdens de Tweede Wereldoorlog worden zijn twee zussen Rosina en Adela door de nazi's weggevoerd naar Auschwitz.

Adela schrijft in het vernietigingskamp een brief aan de rest van de familie:

'Toen ik hoorde dat we naar Israël zouden gaan was ik zo blij'

Twee dagen na het schrijven van de brief kwam Adela door uitputting om het leven. Ook veel andere familieleden van Roet werden vermoord in de kampen. In totaal eiste de Jodenvervolging 102.000 Nederlandse slachtoffers.

Hendrik overleefde als onderduiker de oorlog. Als 17-jarige reisde hij vervolgens met familieleden naar Israël. "Ik heb geluk gehad dat ik hierheen kon komen. Ik voelde me na de oorlog niet meer thuis in Nederland."

Hij veranderde zijn naam in Haim en meldde zich voor het Israëlische leger. "Helaas werd ik om medische redenen afgekeurd, maar ik kon als vrijwilliger wel actief worden."

Haim is zijn hele leven maatschappelijk betrokken gebleven. Hij is trots op wat Israël tot stand heeft gebracht: "We zijn na de oorlog begonnen met niks, met 600.000 mensen. En nu leven we in een democratie met 9 miljoen inwoners. Een geweldige prestatie!"

Bekijk hier foto's van Haim Roet en zijn familieleden:

Mirjam Bolle (102) kwam zelfs al in 1944 in Palestina aan met een speciale trein uit concentratiekamp Bergen-Belsen, als 'uitwisselingsmateriaal', zoals ze het zelf noemt.

Geruild voor Duitsers

Bolle maakte deel uit van een groep Joodse gevangenen die werden geruild tegen Duitse Tempeliers die in Jeruzalem woonden. Zij wilden terug naar hun vaderland om voor Hitler te vechten. "We reden tien dagen met een speciale trein door Europa en toen kwamen we aan in Palestina. Ik kon niet geloven dat we tien dagen eerder nog in Bergen-Belsen waren."

De verloofde van Bolle was al in 1938 naar Palestina gegaan om te werken in een kibboets, een collectieve landbouwnederzetting. Mirjam zou hem achterna reizen, maar daar kwam de oorlog tussen. "We voelden altijd dat het land waar we woonden niet ons eigen land was. De stemming in Nederland was voor de oorlog wel gunstig, maar je wist nooit of en wanneer het zou omslaan."

Samen hebben ze hun hele leven meegewerkt aan de opbouw van hun 'beloofde land'. Het was geen gemakkelijk leven en Mirjam Bolle heeft haar offers gebracht: twee van haar kinderen zijn in dienst van het Israëlische leger om het leven gekomen.

NOS

Kritiek

Beide Holocaustoverlevenden zijn zich bewust van kritiek van de buitenwereld op Israël, met name vanwege het conflict met de Palestijnen. Roet daarover: "Het is verschrikkelijk dat er nog steeds geen vrede is. Dat we nog steeds vechten met de Palestijnen. Ik zie de schuld aan beide kanten."

Ook de reputatie van premier Netanyahu, die van corruptie wordt beschuldigd, is een terugkerend thema. Roet heeft daar zo zijn eigen gedachten over: "Israël is democratisch, ik kan mijn stem laten horen. En bij alle politieke onzekerheid hebben we een gerechtshof dat staat als een huis. Dat kan een voorbeeld zijn voor andere landen."

Mirjam Bolle is tevreden met wat Israël heeft bereikt: "Ik ben hier gekomen met niets meer dan versleten schoenen en de kleren die ik aanhad. Nu kan ik het me veroorloven elk jaar op vakantie te gaan. Natuurlijk is het niet allemaal prachtig, er zijn ook dingen waar ik niet trots op ben. Maar we hebben welvaart, veiligheid en vrijheid."

STER reclame