NOS Nieuws Cultuur & Media

Toonaangevend kunstmuseum MoMA in New York weer open, groter én diverser

AFP

Na een sluiting van vier maanden en een investering van 400 miljoen euro heeft het wereldberoemde museum Museum of Modern Art, kortweg MoMA, in New York vandaag haar deuren voor het publiek heropend.

Het museum in het hart van de Manhattan heeft er 4300 vierkante meter aan oppervlakte bij en de ruimtes zijn compleet heringericht. Doordat het museum nu over meer ruimte beschikt, zijn de komende maanden vrijwel alle werken die het MoMA in bezit heeft te zien.

Glenn Lowry, directeur van het MoMA, vertelt onder meer over de nieuwe akoestische ruimte in het museum:

Museum voor moderne kunst in New York is weer open

Inclusiviteit speelde bij de herinrichting een grote rol. Het museum ging in 1929 open en geldt daarmee als het oudste museum voor moderne kunst ter wereld. Het MoMA stelt traditioneel gezien veel schilder- en beeldhouwkunst ten toon.

Nu, na de heropening, is er meer ruimte voor andere kunstdisciplines, zoals fotografie en film. De werken zijn bovendien niet meer strak gesorteerd per kunststroming of tijdvak, maar hangen bijvoorbeeld bij elkaar vanwege een overkoepelend thema.

Om inspiratie op te doen voor de nieuwe indeling, zette het museum een denktank op met daarin een aantal toonaangevende musea. Het Centre Pompidou in Parijs dacht mee, net als het Stedelijk Museum in Amsterdam. In beide musea zijn allerlei soorten kunst door elkaar te zien. Het MoMA wilde het ook over die boeg gooien.

Maar niet alleen het aanbod aan kunst moest diverser worden, ook de kunstenaars. Oude, bekende werken zoals die van Van Gogh, Dalì en Andy Warhol zijn in het MoMA in New York nog steeds te zien. Maar het museum stelt voortaan meer niet-westerse kunst ten toon, zoals werken uit Afrika, Azië en Zuid-Amerika. Ook is er meer aandacht voor werken van vrouwen en van kunstenaars met een diversere etnische achtergrond.

Zo kocht het museum recent een werk aan van de Duitse schilder Paula Modersohn-Becker. Het doek is een zelfportret dat ze in 1907 maakte, een van haar laatste werken. Modersohn-Becker wordt gezien als een belangrijke vertegenwoordiger van het expressionisme, een stroming die wordt gekenmerkt door bijvoorbeeld intense kleuren.

Het zelfportret van Modersohn-Becker op een poster van het MoMA MoMA

Met die veranderingen lijkt het museum meer aan diversiteit te willen doen. Eerder dit jaar verscheen een Amerikaans onderzoek waaruit bleek dat de vaste collectie van de grootste Amerikaanse musea, waaronder het MoMA, voor 87 procent bestaat uit kunst gemaakt door mannelijke kunstenaars. 85 procent van de werken was gemaakt door witte kunstenaars. Maar de discussie over diversiteit in musea gaat in de Verenigde Staten verder terug.

In Nederland deed de Stichting Mama Cash, een financieringsfonds voor bedrijven en culturele projecten van vrouwen, dit jaar eenzelfde telling bij Nederlandse musea. Het fonds kwam tot de conclusie dat maar 13 procent van de werken in de vaste collecties van Nederlandse musea door vrouwen was gemaakt.

Voor het onderzoek werden de collecties van acht toonaangevende musea in Nederland bekeken (volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek telt Nederland zo'n 680 kleine en grote musea).

Ook het Stedelijk Museum van Amsterdam stond op de lijst van Mama Cash. Het museum zei zich destijds bewust te zijn van het aantal vrouwelijke kunstenaars dat te zien is. "We realiseren ons dat het aandeel vrouwelijke kunstenaars in ons museum laag is." Het Stedelijk, evenals Tate Modern in Londen, legde zich al eerder toe op meer diversiteit: "De kwaliteit van de kunst staat natuurlijk voorop, maar het museum moet een goede balans tussen mannelijke en vrouwelijke kunstenaars zijn."

STER reclame