Duikers van het team aan het werk op de Noordzee Duik de Noordzee Schoon
NOS Nieuws Buitenland

Duikers vinden geen spoor van vermiste onderzeeër, wel wrakken en slakken

Het is de laatste vermiste Nederlandse onderzeeboot uit de Tweede Wereldoorlog. Al jaren wordt er gezocht naar het wrak van de O-13, die in 1940 spoorloos verdween. Het mysterie duurt voort, want ook een nieuwe duikexpeditie heeft niets opgeleverd.

Vanmiddag kwam het team van Stichting Duik de Noordzee Schoon aan in Scheveningen na een tiendaagse expeditie naar de Doggersbank, een zandbank midden op de Noordzee. De duikers vonden van alles, maar niet de O-13. "Zeker zijn we teleurgesteld", zegt duiker Willem Heijdeman vanaf het expeditieschip, de Commandant Fourcault. "Je weet dat het zoeken is naar een speld in een hooiberg. We weten niet wáár hij is vergaan, dus hij kan overal liggen in de Noordzee. Je weet van tevoren dat de kans heel klein is."

In deze video is te zien wat de duikers wel tegenkwamen onder water:

Duikers vinden van alles op de zeebodem, maar niet het gezochte wrak

De O-13 vertrok in de nacht van 12 juni 1940 met 34 bemanningsleden vanuit het Schotse Dundee richting Noorwegen om Duitse oorlogsschepen te onderscheppen. Daarna werd er niets meer vernomen. Een theorie is dat de O-13 is geramd door een Poolse onderzeeër, die het vaartuig aanzag voor een Duitse U-boot, maar dat is allerminst zeker. De O-13 kan net zo goed op een mijn zijn gelopen.

Al sinds de jaren 70 wordt er gezocht. Eerst nog naar zeven Nederlandse onderzeeërs die in de oorlog zijn vergaan, maar zes zijn er inmiddels teruggevonden. Alleen de O-13 dus nog niet.

'Vol adrenaline naar beneden'

Bij een van de onderzochte wrakken leek het de afgelopen dagen even raak. Op een scan van de zeebodem zag de bemanning een wrak dat de vorm leek te hebben van een onderzeeër. "Dat zag er heel veelbelovend uit, dus we gingen vol adrenaline naar beneden", vertelt de duiker. "Maar het bleek een schip te zijn dat op zijn kant lag en waar de stoomketel naar buiten was gerold. Daardoor leek het op een onderzeeër."

Op een andere plek werd wél een onderzeeër gevonden, maar daarvan was al snel duidelijk dat het de O-13 niet was. "We hebben hem gemeten en aan zaken als de lengte of waar het kanon was te zien dat het hem niet kon zijn."

Welke onderzeeër het dan wel is, is ook nog lastig te bepalen. "Zo'n oorlogswrak is na 70 jaar onder water helemaal begroeid. Het kan dat je een bordje of kopje vindt met een naam erop. Sommige van die boten hadden hun eigen servies. Of een patrijspoort met een nummer erop. Maar je moet echt geluk hebben."

Daarbij is het helemaal niet zeker dat de boot op duikhoogte ligt. "Bij Noorwegen is de zee soms 600 meter diep, daar kun je zelfs met sonar nauwelijks iets vinden." Het expeditieschip heeft wel onbemande duikbootjes aan boord, maar daarmee is ook niet alles goed te zien.

Krabben en kreeften bevrijd

Het is overigens niet zo dat de expeditie niets heeft opgeleverd. Het hoofddoel van de Stichting Duik de Noordzee Schoon is het verwijderen van netten van de zeebodem, bijvoorbeeld van scheepswrakken. Het plastic van de netten is een gevaar voor het leven in zee. "We hebben honderden krabben en kreeften bevrijd."

De route van de expeditie Duik de Noordzee Schoon

Ook waren er bij de expeditie twee biologen aan boord. "Ze hebben een naaktslak gevonden die nog niet op de Nederlandse slakkenlijst voorkwam. Dat is best bijzonder als je ziet hoe goed we ons land kennen, dat er toch nog steeds nieuwe soorten worden gevonden."

Hoogtepunt waren een paar dwergvinvissen. "Een ervan begon rondjes om het schip te zwemmen. De hele bemanning stond op het dek. Als je daar bent, zie je hoe belangrijk die zandbank is. De Doggersbank is de Utrechtse Heuvelrug onder water. Zeehonden en bruinvissen zoeken daar voedsel."

De zoektocht naar de O-13 gaat ondertussen gewoon door, verzekert Heijdeman. "We hebben 80 wrakken kunnen afstrepen. Maar er zijn er nog vele tientallen niet onderzocht. En de Noordzee ligt er nog wel even."

Toch hoopt hij dat het wrak snel gevonden wordt. "Er zijn nog nabestaanden. We doen het met name voor die mensen. Zodat ze weten waar de bemanning zijn laatste rustplaats heeft gevonden."

In september gaat het expeditieteam weer de zee op, al ligt de focus dan vooral op de schade de losgeslagen containers van de MS Zoë hebben veroorzaakt. "Dat is het hoofddoel, maar mochten er locaties van onbekende wrakken zijn op die route, dan gaan we die zeker onderzoeken."

STER reclame