Pootje baden in Zoutelande. Zeeland is populair onder Belgen ANP

Warm weer gaf toerisme naar Nederland een boost

tijd van publicatie Aangepast

Het aantal toeristen dat Nederland heeft bezocht is weer gestegen. Vorig jaar kwamen er 19,1 miljoen mensen, 7 procent meer dan in 2017, blijkt uit een raming van NBTC Holland Marketing en het Centraal Bureau voor de Statistiek. Overigens is die groei wel wat minder dan in 2017.

De meeste toeristen komen uit Duitsland en Belgiƫ. Mensen uit de buurlanden brachten vorig jaar 5,8 miljoen respectievelijk 2,5 miljoen bezoeken aan Nederland, samen 43 procent van het totaal.

Duitsland en Belgiƫ leveren al jaren de meeste toeristen, maar opvallend is wel dat het toerisme uit beide landen afgelopen jaar is toegenomen met 10 procent.

Dichter bij huis

"Door de warme zomer hebben veel Duitsers en Belgen gekozen voor een strandvakantie in Nederland", zegt NBTC-woordvoerder Elsje van Vuuren. "Ook bij de korte bezoeken wisten de Duitsers Nederland goed te vinden." Volgens haar ging het vorig jaar iets minder goed met de Duitse economie, waardoor Duitsers hun stedentrips dichter bij huis boekten.

Toeristen van buiten Europa kwamen vooral naar Nederland voor de steden. Amsterdam blijft het populairst, maar toeristen weten net als de afgelopen jaren Rotterdam en Den Haag ook iets beter te vinden, zegt Van Vuuren. Rotterdam stond bijvoorbeeld een aantal jaar geleden in top 10 van steden van de toonaangevende reisgids Lonely Planet.

NBTC hoopt dat toeristen van buiten Europa ook de rest van Nederland zullen ontdekken, zoals met name Duitsers nu al doen. "We verwachten dat Nederland in 2030 50 procent meer toeristen heeft dan in 2017", zegt Van Vuuren. Het doel van NBTC is dat heel Nederland daarvan meeprofiteert. Daarom gaat de instantie proberen ook krimpregio's te promoten onder toeristen.

Achter een parapluutje aan

Opvallend is dat het aantal Chinese toeristen met 8 procent is gedaald. Dat hangt volgens NBTC samen met een daling van het aantal groepsreizen. Met name jonge Chinezen gaan liever individueel op reis, meent Van Vuuren. "Die willen niet met zijn allen achter een parapluutje aan lopen in Amsterdam, maar juist plekken zien die hun ouders nog niet hebben gezien."

STER Reclame