EPA

Deze week stemde het Griekse parlement voor het akkoord met buurland Macedonië, over de naamswijziging van Macedonië in Noord-Macedonië. De stemming was het sluitstuk van een strijd van bijna dertig jaar over de naam van de republiek. Conny Keessen is al sinds haar komst naar Griekenland bezig met het onderwerp, en even werd Nederland zelfs bij het conflict betrokken. Een terugblik.

De stem van de radio-presentator schalt door de studio. "Boycot Nederlandse producten! Geen bier, geen melk, geen bloemen. Ze willen Macedonië erkennen!" Hij gooit de schuif met muziek omhoog en weer omlaag en vervolgt zijn slogans. Door de ruit van de studio kijk ik naar een opgewonden Griekse man. Het was februari 1992, mijn eerste contact met de emoties op Griekse bodem, losgemaakt door de kwestie-Macedonië. Ik werkte nog niet eens als journalist in Griekenland, was alleen op onbetaald verlof.

Dat de onafhankelijkheidsverklaring van de Joegoslavische deelrepubliek Macedonië met de naam Republiek Macedonië helemaal niet goed viel in Griekenland, dat wist ik. De Grieken hebben zelf een regio met de naam Macedonië, en ook om historische redenen zien ze die naam als een Griekse.

Boycot van Nederlandse producten

Maar vervolgens werden Nederland en toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Hans van den Broek het mikpunt. Want volgens de Grieken zat Nederland achter het voornemen van de Europese Commissie om het buurland te erkennen als Macedonië. Een demonstratie daartegen in Thessaloniki, de hoofdstad van de Noord-Griekse regio Macedonië, bracht een miljoen mensen op de been. Griekse media riepen op tot een boycot van Nederlandse producten - iets wat de Griekse regering overigens niet overnam.

In de maanden daarna leerde ik al snel 'Skopje' te zeggen als ik het over Macedonië had - zo noemden de Grieken hun noorderburen. Maar als Nederlandse bleek het onmogelijk om gesprekken met Grieken over de naamkwestie en Van den Broek (iedere Griek bleek hem te kennen) rustig te laten verlopen. Het zat diep, de emoties laaiden snel hoog op, en ze voelden zich onbegrepen.

In de jaren daarna bleef het conflict zich voortslepen, en als correspondent in Griekenland heb ik er ontelbare malen over gesproken en geschreven, meer dan over welk ander onderwerp dan ook. Kleine doorbraken, ja. De zon of ster van Vergina, een belangrijk antiek Grieks symbool, werd van de Macedonische vlag gehaald, er kwamen kleine veranderingen in de grondwet van het buurland.

De onvermoeibare VN-onderhandelaar Matthew Nimetz dook om de zoveel tijd op in Athene en Skopje in een nieuwe poging het probleem op te lossen. Zonder resultaat.

Betogers met de huidige (l) en oude (r) vlag van Macedonië. De rechter vlag heeft de zon van Vergina EPA

Met Nicola Gruevski en zijn nationalistische partij VMRO in de Macedonische regering, tussen 2006 en 2016, werd verzoening moeilijker dan ooit. Gruevski begon standbeelden van Alexander de Grote neer te zetten, vernoemde straten naar deze Griekse held, en ten slotte ook het internationale vliegveld van Skopje.

In 2008 blokkeerde Griekenland een aanvraag van FYROM - de voormalige Joegoslavische Republiek van Macedonië, zoals het land sinds de jaren 90 officieel te boek stond - tot het lidmaatschap van de NAVO. Dat veto is altijd gehandhaafd.

Oplossing boven trots

Maar het tij keerde. De gematigde Zoran Zaev werd in 2017 gekozen als premier van Macedonië, en de pragmatische Griekse premier Alexis Tsipras zag een kans. Voor het eerst in bijna dertig jaar waren er twee leiders die een oplossing voor het langslepende conflict belangrijker vonden dan nationale trots, en een politiek risico durfden te nemen.

In relatief korte tijd, met hulp van hun ministers van Buitenlandse Zaken en oudgediende Nimetz, kwamen ze tot een overeenkomst die de geschiedenis ingaat als het Prespa-akkoord. Genoemd naar de Prespa-meren op de grens van Griekenland en Macedonië, waar het akkoord in juni 2018 werd getekend.

Terug in 1992

De afgelopen maanden dacht ik soms dat ik terug was in 1992, met de hevige emoties, de demonstraties, het geweld, de soms extreme reacties van politici en bevolking. Maar het Griekse parlement bleek het gezond verstand te gebruiken, al was het met een kleine meerderheid. Ook in Macedonië gebeurde ook het vereiste, zij het met grote moeite: een referendum, aanpassingen in de grondwet en tot slot goedkeuring van parlement.

Het naamakkoord is een compromis, zeker - beide partijen hebben niet alles gekregen. Maar het alternatief, geen overeenkomst, was waarschijnlijk nog veel slechter geweest. De geschiedenis zal het leren.

STER reclame