Het hoofdkwartier van Mitsubishi Heavy Industries in Tokio AFP

Het Japanse staalbedrijf Mitsubishi Heavy Industries Ltd. moet tien voormalige dwangarbeiders of hun nabestaanden een schadevergoeding en achterstallig loon betalen. Dat heeft het hooggerechtshof in Zuid-Korea beslist.

De tien werden tussen 1910 en 1945 tegen hun zin bij Mitsubishi te werk gesteld. Zuid-Korea was in die jaren een kolonie van Japan. De tien voormalige dwangarbeiders krijgen een compensatie, variërend van 62.000 tot 117.000 euro per persoon.

De uitspraak komt niet als verrassing. Eind vorige maand veroordeelde het Zuid-Koreaanse hooggerechtshof het Japanse Nippon Steel & Sumitomo Metal Corp. tot het betalen van 77.000 euro aan vier voormalige dwangarbeiders.

Beslag leggen

In Japan is met onbegrip op beide uitspraken gereageerd. Volgens Japan zijn alle compensatiegeschillen opgelost met het vriendschaps- en samenwerkingsverdrag dat beide landen in 1965 met elkaar sloten, maar het Zuid-Koreaanse hooggerechtshof bestrijdt dat.

De Japanse minister van Buitenlandse Zaken Kono noemt de uitspraak "uiterst spijtig en absoluut onacceptabel". Japan dreigt de zaak voor het Internationaal Gerechtshof in Den Haag te brengen.

De verwachting is dan ook dat Mitsubishi de uitspraken van het hooggerechtshof naast zich neer zal leggen. Advocaten van de voormalige dwangarbeiders willen beslag leggen op bezittingen van Mitsubishi in Zuid-Korea, schrijven Zuid-Koreaanse media.

STER reclame