President Sirisena van Sri Lanka (rechts) beëdigt de nieuwe premier Rajapakse EPA

De politieke crisis in Sri Lanka laat zien hoe afhankelijk het eiland in korte tijd is geworden van China. Nadat de president vrijdag de regering naar huis stuurde, benoemde hij oud-president Mahinda Rajapaksa tot nieuwe premier.

China was er als de kippen bij om de nieuwe premier te erkennen: tijdens zijn presidentschap haalde hij de banden met China aan en zorgde voor grote Chinese investeringen in Sri Lanka. De rest van de politiek in Sri Lanka heeft het nakijken. Het parlement is de komende weken buiten werking gesteld en aanhangers van beide kampen demonstreren in de straten van de hoofdstad Colombo.

Een onrendabele haven

Het moest een prestigeproject worden: een tweede grote haven voor Sri Lanka. Naast de haven van Colombo moest er een nieuwe haven komen in Hambantota aan de zuidkust.

Oud-president en nu dus weer premier Rajapaksa had het goed voor met zijn geboortestreek. Een haven, een internationaal vliegveld en een cricketstadion moesten het zuiden een mooie toekomst garanderen. China wilde het allemaal wel financieren, op voorwaarde dat Chinese bouwbedrijven de opdrachten zouden krijgen.

Toen er financiële tekorten ontstonden was China bereid om ook het extra benodigde geld op te brengen. Later kon Sri Lanka het helemaal niet meer betalen en in 2017 nam China het havenproject over. Het mag zich voor 99 jaar lang de eigenaar noemen. De gang van zaken is nauwkeurig gereconstrueerd door de The New York Times.

De haven van Hambantota Getty Images

De Chinese investeringen hebben zich de afgelopen jaren snel uitgebreid. Naast het project van de haven van Hambanbota, ter waarde van een miljard dollar, is er een nog veel duurder project in gang gezet bij de veel drukkere haven van Colombo.

Ook een nieuwe kolencentrale en investeringen in huizen en landbouwprojecten in het midden en noorden van het eiland worden met Chinese leningen gefinancierd. En die laatste projecten maken ook meteen een ander sentiment los, want in het midden en noorden wonen veel Tamils, die banden hebben met India.

Tijdens de burgeroorlog (1983-2009) streefden de Tamiltijgers naar een onafhankelijke staat. De oorlog kostte 70.000 mensen het leven,100.000 mensen werden uit hun huis verdreven.

Na de strijd bouwde India een deel van het vernielde land weer op en herstelde spoorwegen. Nu China ook omvangrijke projecten ter hand neemt gaan in New Delhi de waarschuwingslampjes knipperen.

Nieuwe Zijderoute

Voor China staat Sri Lanka niet los van andere strategische investeringen. Onder de noemer Belt & Road bouwt Peking de laatste vijf jaar een groot internationaal netwerk van infrastructurele bouwwerken. In Azië worden wegen, bruggen, spoorlijnen, havens en containeroverslaglocaties aangelegd. Vaak met Chinese leningen, nog vaker door Chinese bedrijven.

In de toekomstvisie van president Xi Jinping is zijn land in 2025 wereldleider in technologie en hard op weg om de grootste economie van de wereld te worden. En daarvoor is die infrastructuur (en Chinese zeggenschap erover) van het grootste belang.

Want via die wegen, spoorrails en havens moet China zijn nieuwe hoogwaardige technologieproducten exporteren. En andersom grondstoffen, energie en voedsel aanvoeren. Maar de nieuwe Zijderoute beperkt zich niet tot Azië: ook in Afrika en Europa zijn leningen, investeringen en bouwactiviteiten van Chinese zijde steeds vaker aan de orde.

Steeds venijniger

De gang van zaken rond de haven van Hambanbota heeft wereldwijd wenkbrauwen doen fronsen. Want waar is China op uit? De economische logica die het land volgt bij zijn buitenlandse investeringen is wel duidelijk. IMF-baas Christine Lagarde waarschuwde daarom buitenlandse partners van China voor hun toenemende schulden bij en afhankelijkheid van de Chinezen.

Maar een blik op de kaart leert dat veel van de investeringen op plaatsen worden gedaan die van strategisch belang zijn. Bijvoorbeeld omdat er belangrijke scheepvaartroutes langs lopen, zoals in het geval van Sri Lanka. Of omdat er mogelijk militaire belangen zijn, zoals in Djibouti, waar China investeert in zijn eerste buitenlandse marinebasis. Maar waar ook de trein naar Ethiopië vertrekt, en twee Chinese transportbedrijven het alleenrecht hebben.

Nu de handelsoorlog tussen de Verenigde Staten en China steeds venijniger wordt, is het samenvallen van economische en strategische belangen steeds belangrijker aan het worden. Over de bedoelingen van China met de Nieuwe Zijderoute maakte NOS op 3 deze uitleg:

STER reclame