Een Palestijnse ict'er die werkt voor een Israëlische opdrachtgever NOS

Terwijl de onderhandelingen tussen Israëliërs en Palestijnen op politiek niveau helemaal zijn vastgelopen, wordt er op zakelijk niveau nog wel samengewerkt. Dat gebeurt ook in de hightechwereld. In Israël is die industrie zo succesvol dat er een tekort is aan personeel. En goede - en goedkope - arbeidskrachten zijn net over de grens volop te vinden. Daarom huren Israëlische techbedrijven steeds vaker Palestijnen in.

"Mijn visie voor de toekomst is dat het hier net zo groot gaat worden als Silicon Valley", zegt Palestijn Murad Tahboub. Zijn ict-uitbestedingsbedrijf ASAL Technologies zit in de nieuwe stad Rawabi op de Westelijke Jordaanoever. Hier werkt bijna iedereen in de techindustrie. "We hebben alle elementen die ervoor nodig zijn om een succesvolle Palestijnse techeconomie te worden", zegt hij. "Slimme mensen, uitstekende opleidingen, lage kosten en een goede beheersing van het Engels."

Maar volgens Tahboub denken veel internationale bedrijven er niet aan om zaken te doen met de Palestijnen. "Wij staan niet bekend om onze hightechmogelijkheden, maar om het conflict."

Correspondent Arlene Gelderblom maakte deze reportage:

'Die negatieve wrijving is voor niemand goed'

Israëlische techbedrijven besteden vaak werk uit aan ict'ers in Oost-Europa en Azië, terwijl veel Palestijnse programmeurs en ontwikkelaars werkloos zijn. Om dat te veranderen, klopte Tahboub aan bij Eyal Waldman, oprichter en eigenaar van het succesvolle Israëlische bedrijf Mellanox.

Daar zat niet iedereen op een samenwerking te wachten, geeft Waldman toe. "Vooral bij het management was weerstand. We hebben al genoeg uitdagingen en werken met de Palestijnen gaat moeilijk worden, zeiden ze."

Ik denk dat we bang voor elkaar zijn, omdat we elkaar niet kennen.

Eyal Waldman, Mellanox

Toch wist Waldman zijn team te overtuigen. Wat begon als proef met een paar medewerkers heeft ertoe geleid dat er nu meer dan honderd mensen voor Mellanox op de Westelijke Jordaanoever en in Gaza werken. Mellanox levert de opdrachten en ASAL Technologies levert de mensen.

Volgens Waldman is het logisch en gunstig om werk uit te besteden aan de Palestijnen. Zo liggen de lonen een stuk lager bij de buren en is het makkelijk dat de medewerkers dichtbij zijn en in dezelfde tijdzone werken. Naast de financiële voordelen, zegt Waldman ook meer stabiliteit naar de regio te willen brengen door Palestijnen in dienst te nemen. "Ik denk dat we bang voor elkaar zijn, omdat we elkaar niet kennen. Die negatieve spanning is voor niemand goed. Die angst creëert boosheid, haat en lijden."

De Israëlische ceo richt zijn blik nu vooral op Gaza. "Het creëren van werk daar is erg belangrijk. Een normale relatie met Gaza is voor Israëliërs en Palestijnen goed. En ondanks de onrust de aflopen maanden aan de grens, werken we er gewoon door met onze mensen."

We spreken naast werk ook over voetbal en auto's, maar niet over politiek.

Roman Yanovitski, ict'er

Terwijl outsourcing door Israëlische techbedrijven in Gaza nog zeer kleinschalig is, gebeurt het al langer en grootschaliger op de Westelijke Jordaanoever. Waldman probeert nog veel meer bedrijven uit de sector te overtuigen om dezelfde stap te wagen. Er werken nu naar schatting enkele honderden Palestijnen voor Israëlische techbedrijven.

Voor de meeste medewerkers van ASAL en Mellanox geldt dat ze voor het eerst contact hebben met mensen van de andere kant. Roman Yanovitski had nog nooit met een Palestijn gesproken; nu hangt hij dagelijks aan de lijn met zijn collega's op de Westelijke Jordaanoever. "Het verbaasde me vooral dat we veel overeenkomsten hebben", zegt hij. "We spreken naast werk ook over voetbal en auto's, maar niet over politiek."

De Palestijn Odeh Dahadya, een Palestijnse medewerker, krijgt soms kritiek omdat hij met Israëliërs werkt. "Maar het is gewoon werk voor mij, meer niet", zegt Dahadya. "Het is een kwestie van vraag en aanbod; het maakt mij niet zoveel uit of ik met Amerikanen, Israëliërs of anderen te maken heb."

Eigen industrie ontwikkelen

"We zijn het gewend om met Israëliërs te werken", zegt Murad Tahboub. "We hebben geen andere keus. Het grootste deel van onze import komt uit Israël en van onze export gaat naar Israël." Volgens hem is het geen schande om met Israëliërs te werken. "Het brengt ook niet onze nationale ambitie in het gedrang om een eigen staat te hebben." Tahboub is ervan overtuigd dat het ontwikkelen van een sterke techindustrie daar een belangrijke rol in speelt.

"We kunnen geen staat opbouwen die afhankelijk is van donorgeld", zegt hij. "We hebben weinig natuurlijke hulpbronnen en politieke onrust, dat is een probleem voor onze economie. Maar we kunnen wel succesvol worden in de techindustrie. Door te werken voor internationale techbedrijven, leren we veel. Met die kennis kunnen we zelf een Palestijnse techindustrie ontwikkelen."

STER reclame