Kamerlid Voordewind (CU) en minister Blok van Buitenlandse Zaken (VVD) tijdens het debat over steun aan de gewapende oppositie in Syrie ANP

Als het kabinet er in de toekomst weer voor kiest in oorlogssituaties hulpgoederen te sturen, dan moet de controle daarop veel beter. Dat concludeert een meerderheid in de Tweede Kamer in een debat over onderzoek van Nieuwsuur en Trouw. Daaruit bleek vorige maand dat hulpgoederen bedoeld voor "gematigde groeperingen" in Syrië zijn terechtgekomen bij Jabhat al-Nusra, de Syrische variant van al-Qaida.

De partijen die zich in 2015 al tegen het steunprogramma uitspraken, zoals CDA, PVV, SP, ChristenUnie, SGP en 50Plus, blijven erbij dat dit hulpprogramma nooit had mogen plaatsvinden. Zij vonden toen al dat de situatie in Syrië te onduidelijk was en vonden de zogenaamd gematigde groeperingen onbetrouwbaar.

Vuile handen

De VVD steunde het hulpprogramma destijds wel. "Iedereen wilde iets doen om de Syrische brand te helpen blussen", zei VVD-Kamerlid Koopmans daar nu over. "Het was op zich geen fout om te proberen mensen te redden. Maar hebben we wel genoeg gedaan om de risico's te voorkomen?" Koopmans denkt dat helpen in een oorlogssituatie altijd "vuile handen" oplevert, maar hij vindt dat het kabinet meer moet doen om ze zo schoon mogelijk te houden.

Ook de PvdA, regeringspartij ten tijde van het besluit, begrijpt achteraf nog steeds de gedachte achter de steun. "Als een bevolking in nood is, kijken we wat we kunnen doen", zei Kamerlid Kuiken. "We hebben toen gezegd: niets doen is geen optie." Maar ook de PvdA wil weten wat het kabinet vindt van de kritiek van Carla del Ponte van de VN, dat Nederland had kunnen weten dat sommige groeperingen zich schuldig maakten aan mensenrechtenschendingen.

Lessen

CDA-Kamerlid Omtzigt heeft steeds gewaarschuwd voor de risico's. Hij wil weten of en zo ja wanneer signalen bij het kabinet binnenkwamen dat de hulpgoederen, zoals trucks en een mobiele bakkerij, bij al-Qaida en andere mensenrechtenschenders terechtkwamen. "Hebben de signalen van Amnesty International het kabinet wel bereikt?" vroeg hij zich af.

ChristenUnie-Kamerlid Voordewind, ook tegenstander van de hulp, is destijds zelf naar Syrië gegaan om met het door Nederland als "gematigd" bestempelde Vrije Syrische Leger te gaan praten. Daar kreeg hij te horen dat ze bereid waren met ongeveer iedereen samen te werken om president Assad te bestrijden, ook met al-Qaidastrijders. Voordewind: "Welke lessen leert de minister hiervan?"

Later vanavond reageert minister Blok van Buitenlandse Zaken namens het kabinet op alle vragen. Hij was overigens niet verantwoordelijk voor het besluit. Dat was het vorige kabinet, met de PvdA'er Koenders als minister van Buitenlandse Zaken. Alle partijen zijn het eens met het besluit van het kabinet van maart dit jaar, om de stekker uit het hulpprogramma te trekken.

STER reclame