Dna-onderzoek bij het Nederlands Forensisch Instituut ANP

Voormalig lid van de Raad van State Rein Jan Hoekstra vindt dat er nog steeds niet genoeg vaart wordt gemaakt met het afnemen van dna van veroordeelde criminelen. In een zeer kritisch rapport aan de ministers Grapperhaus en De Jonge schrijft hij dat niet is gebleken dat "realisering van voornemens zeer urgent is".

Hoekstra bracht drie jaar geleden een vernietigend rapport uit naar aanleiding van de zaak-Els Borst. De vroegere minister werd in 2014 om het leven gebracht en Hoekstra concludeerde in 2015 dat politie, Openbaar Ministerie en de geestelijke gezondheidszorg fouten hebben gemaakt bij de aanpak van de verdachte, Bart van U.

Het OM had onder meer verzuimd dna van Van U. af te nemen. Hij was eerder veroordeeld voor verboden wapenbezit. Als toen dna was afgenomen, was het misdrijf tegen Borst eerder opgelost en de doodslag, die Van U. op zijn zus pleegde, mogelijk voorkomen.

Onnodig tijdverlies

Hoekstra deed in 2015 diverse aanbevelingen. Hij schrijft nu dat termijnen nog steeds geregeld worden overschreden. Hoekstra roept het kabinet op "meer vaart te maken en geen onnodig tijdverlies meer te accepteren". Volgens hem ontbreekt het ook aan een sluitende aanpak bij het omgaan met mensen met verward gedrag.

In juni bleek dat in de landelijke dna-databank nog steeds meer dan 21.000 profielen van veroordeelde criminelen ontbreken. Naar aanleiding van de zaak-Nicky Verstappen zei Grapperhaus vorige maand dat hij wil nadenken over het eerder afnemen van dna, ook als iemand alleen nog verdacht is. Hij is er zelf nog niet uit of dat moet gebeuren.

De minister reageert volgende maand op de aanbevelingen van Hoekstra.

STER reclame