Stortbuien nabootsen in de strijd tegen wateroverlast

Aangepast
Geschreven door
Roel Pauw
Verslaggever

Plotseling breekt er een tropische regenbui los in Delft. Het water klatert op de klinkers van het terrein van de Technische Universiteit. Vergeleken met deze wolkbreuk was de regen van afgelopen weekend in Drenthe maar een miezerbuitje. Het grote verschil: deze regenbui is zo plaatselijk als een partytent.

Het water komt gecontroleerd uit acht sproeikoppen onder een afdak. Het opvallende is dat er ondanks deze zondvloed geen plassen ontstaan. En dat is precies de bedoeling. Dit is de Waterstraat in Delft. In de folder omschreven als de 'Proeftuin voor de klimaatbestendige stad', lees: de overstromingsvrije stad.

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Met je idee door de waterstraat

Volgens deskundigen gaat het door klimaatverandering in Nederland vaker regenen en vooral ook veel harder. Wateroverlast wordt daarmee een steeds groter probleem. Tegelijkertijd krijgen we ook vaker met periodes van droogte te maken. Overheden en bedrijven proberen oplossingen te bedenken voor deze problemen en de proeftuin moet ze daarbij helpen.

De 'slimme' regenton

Een voorbeeld is de slimme regenton. Als er een flinke regenbui op komst is, zoals weerapps behoorlijk goed kunnen voorspellen), loost de ton zijn inhoud op het riool en als het daadwerkelijk begint te regenen, loopt hij weer vol. Op deze manier smeer je de afvoer van water uit over een langere periode, waardoor je overstromingen kunt voorkomen. Voorwaarde is natuurlijk wel dat er hele woonwijken van dit soort tonnen worden voorzien.

Dat is het punt met veel van de oplossingen die worden bedacht. Het wordt pas echt wat als ze op grote schaal worden toegepast. Daar zit een probleem, want nu zitten partijen vaak nog op elkaar te wachten. En er zijn nogal wat belanghebbenden: waterschappen, gemeenten, verzekeraars, bedrijven en natuurlijk wijzelf, de particulier.

"Daarom is het goed als we van elkaar weten wat er mogelijk is", zegt Marjan Kreijns. Zij is als programmadirecteur verantwoordelijk voor de proeftuin van de TU Delft en Hoogheemraadschap Delfland.

Marjan Kreijns NOS

Nadenken over wateroverlast is niet vrijblijvend. Bij nieuwbouwprojecten (wegen, woonwijken) zijn de ontwikkelaars verplicht om voor elke vierkante meter bebouwing en bestrating die ze willen aanleggen in de directe omgeving een waterberging te creƫren. "Daardoor zie je in woonwijken tegenwoordig veel meer waterpartijen dan vroeger. Bebouwing moet 1 op 1 worden gecompenseerd", zegt Kreijns.

Gemeenten moeten ook een stresstest uitvoeren om te zien of ze bestand zijn tegen de gevolgen van de klimaatverandering. Daar hoort wateroverlast ook bij.

Van regenwater tot bluswater

Om te laten zien wat er nu al kan, zijn er in de Waterstraat oplossingen te zien. Op kleine schaal, maar wel werkend. Een daarvan is Urban Rainshell van Ger Pannekoek. Het idee is simpel: regenwater verdwijnt tussen de straatklinkers in een ondergrondse buffer waar schelpen, mineralen en een bacteriecultuur het water zuiveren. Op deze manier wordt het geschikt voor bijvoorbeeld de bewatering van sportvelden of als bluswater. Zo snijdt het mes aan twee kanten.

"In Zeeland gebruikt een hockeyclub ons systeem al voor het beregenen van de kunstgrasvelden. Normaal gesproken zou daar drinkwater voor worden gebruikt en dat is doodzonde. Zeker in een provincie waar we veel te maken hebben met verzilting van grondwater."

Ook Het Kasteel, het stadion van Sparta krijgt een ondergrondse wateropslag. Op dagen dat de speelvelden worden gebruikt gaat er 80 kuub water doorheen. Het scheelt toch, als dat niet uit de kraan maar uit je eigen voorraad regenwater komt.