Cherwien Lowell NOS

"Ik had al die tijd maar één doel voor ogen: het brede zandstrand van Braamspunt en de vissers die daar wonen. Dat, en mijn gebeden tot God om mij te helpen, hebben mij de kracht gegeven om door te gaan."

Cherwien Lowell is een van de twintig vissers die in de vroege ochtend van zaterdag 28 april door zeerovers op brute wijze overvallen werden. Vijf vissers overleefden de tragedie, van wie het verhaal van Cherwien het meest miraculeuze genoemd mag worden:

'Ik kan hier niet sterven. Ik spring overboord'

"Het was vier uur in de ochtend en de vier andere bemanningsleden en ik sliepen. Plotseling werden we geënterd door ongeveer tien gemaskerde mannen. Ze waren gewapend met kapmessen en een geweer en begonnen meteen te schieten en op ons in te hakken met een kapmes. Ze dwongen ons de vangst over te laden in hun schip en toen dat gebeurd was gingen ze verder met op ons in te slaan."

Cherwien maakt het verband los dat om zijn rechterhand zit. Zijn linkerarm is helemaal ingezwachteld en zit in een mitella, en ook om zijn linker knie zit verband. Hij laat de diepe wonden in zijn handpalm en vingers zien. "Dit hebben ze met me gedaan." Zijn stem breekt. "Ik dacht aan mijn vrouw, aan mijn moeder en wist dat ik zou sterven als ik aan boord zou blijven."

'Ik dook en zwom'

Cherwien sprong overboord, het donkere zeewater van de Atlantische Oceaan in, acht kilometer uit de Surinaamse kust. "Ik dook en zwom een stuk onder water zodat ze me niet zouden zien. Toen ik weer bovenkwam zag ik de boot, en vooral veel golven om me heen. Mijn paniek verdween en ik liet me dobberen. Zwemmen lukte me niet omdat de wonden aan mijn armen en benen brandden in het zoute zeewater."

Het werd dag en Cherwien hoopte dat hij gevonden zou worden door andere vissers. Maar dat gebeurde niet. Hij liet zich meenemen door de stroom en het getij dat hem 19 uur later liet aanspoelen aan de modderige kust. "Ik was te zwak om aan land te gaan. In de modder heb je geen houvast. Dus ik wachtte tot het water nog wat hoger kwam. Toen kon ik me vastpakken aan de takken van de mangroves en mezelf op de wal trekken. Ik was uitgeput, had honger en dorst. Slapen kon ik niet want ik werd constant aangevallen door muggen en zandvliegen."

Ik bleef denken aan dat mooie zandstrand met de vissershutten dat ik als eindpunt voor ogen had.

Cherwien Lowell

Drie dagen lang worstelde Cherwien zich door de modder en de steltwortels van de mangrove. Soms was de kust zo ondoordringbaar dat hij moest waden door zee. "Af en toe begon alles voor mijn ogen te draaien, maar ik wist dat ik niet mocht opgeven. Ik bleef denken aan dat mooie zandstrand met de vissershutten dat ik als eindpunt voor ogen had."

Donderdagochtend kwam hij daar eindelijk aan en werd Cherwien opgevangen door de vissers van het gehucht. Die belden de politie. Met een helikopter werd hij naar Paramaribo vervoerd.

Intussen is hij terug in zijn kleine appartement in het centrum van de stad. "God is great", zegt hij en barst dan in tranen uit. De visser knoopt zijn overhemd los en laat de wonden op zijn rug zien. Zijn blik is wanhopig. "Waarom doen mensen dit? Waarom nemen ze mijn vrienden van me af, de mensen met wie ik aan boord was?"

'De zee ga ik niet meer op'

"Ik ben een harde werker en heb mijn geld nodig om te leven en mijn huur te betalen. Maar ik kan nu niet werken omdat ik gewond ben. De Surinaamse regering zegt dat er zorg en aandacht is voor de slachtoffers en de nabestaanden maar niemand bekommert zich om mij."

Wanneer Cherwien is hersteld, moet er weer brood op de plank komen. "Ik ben sterk en niet lui. Maar ik ga een andere baan zoeken. Metselen misschien, of tuinwerk. De zee ga ik niet meer op. Visserswerk? Ik ben er klaar mee. Nooit meer."

STER reclame