AFP
NOS Nieuws Buitenland Aangepast

Tillerson in Ankara voor Amerikaans-Turks potje blufpoker

Een ruzie die meer weg heeft van een uitslaande brand. Amerika en Turkije zijn verzeild geraakt in een fel conflict. In een giftig anti-westers klimaat in Turkije, zinspeelt de Turkse regering nu hardop op een breuk. Ook in Washington groeit het chagrijn. Vandaag is de Amerikaanse minister Tillerson van Buitenlandse Zaken in Ankara.

Dat gesprek zal eerst gaan over het meest brandbare twistpunt: in Noord-Syrië staan militairen van beide landen recht tegenover elkaar en de Turkse regering dreigt de aanval in te zetten. Omdat de Amerikanen er volgens Turkije terroristen steunen. De twee spelen er een potje blufpoker zoals we binnen de NAVO lang niet hebben gezien.

"Als je ons hier raakt, zullen we agressief terugslaan", waarschuwde de Amerikaanse commandant Paul Funk vorige week. President Erdogan wuifde die woorden dinsdag weg, en dreigde Funk een Ottomaanse klap uit te delen: een klap met de vlakke hand die volgens de legende de nek van de vijand kan breken.

Amerikanen in Manbij

Turkije begon eind januari aan de militaire operatie in het Koerdische Afrin in Syrië. Die is gericht tegen de Koerdische YPG; in de ogen van Turkije een terreurorganisatie, voor de Amerikanen de belangrijkste en meest trouwe militaire partner op de grond in Syrië.

Rookwolken boven de regio Afrin Reuters

Verzachtende omstandigheid is dat juist in dat gebiedje Afrin geen Amerikanen gelegerd zijn. Tot een directe botsing tussen Amerikaanse en Turkse troepen komt het daar dus niet. Het echte probleem ontstaat om de vervolgplannen van Turkije: president Erdogan wil na Afrin doormarcheren naar het oosten. Waar de YPG en Amerikaanse troepen wél nauw samenwerken.

Om te beginnen wil Erdogan het gebiedje Manbij aanvallen, waar die bewuste Amerikaanse commandant Funk vorige week nog de frontlinie bezocht. We zullen onszelf verdedigen, zei Funk. Terwijl de Turkse regering volhield: we zullen naar Manbij komen.

En zo houden analisten aan beide kanten nu serieus rekening met een directe Turks-Amerikaanse confrontatie. Manbij dreigt de plek te worden waar het langlopende meningsverschil tussen de twee -Amerikaanse steun aan de YPG- zal worden uitgevochten.

Kobani en IS

Dat meningsverschil ontstond in 2014, toen IS opkwam en snel terrein won in Syrië en Irak. Voor Washington werd het belangrijkste doel in Syrië om IS terug te dringen. Maar in Ankara hadden ze andere prioriteiten. De Turken vonden vooral dat president Assad weg moest. En zij hadden zorgen over de Koerdische beweging in Syrië, die aan kracht won.

Toen de Amerikanen Turkije vroegen samen militair op te treden tegen IS, gaven de Turken niet thuis. Koerdische milities grepen het Amerikaanse aanbod juist met beide handen aan. Zij zaten op dat moment zelf in de tang van IS, en konden wel wat hulp gebruiken. Hun stad Kobani, in Noord-Syrië, was door IS omsingeld en werd ingenomen.

Raqqa in oktober EPA

De herovering van Kobani werd het begin van de Koerdisch-Amerikaanse samenwerking. Terwijl de Amerikanen IS bestookten vanuit de lucht, deed de YPG-militie het werk op de grond. In de jaren na 2014 groeide dit uit tot een succesvolle alliantie, die een groot deel van Noordoost-Syrië heroverde op IS, met als klapstuk afgelopen najaar de IS-hoofdstad Raqqa.

Turkse frustratie

Tot grote frustratie van Ankara. Want Turkije zag in diezelfde periode een aartsvijand uitgroeien tot een van de krachtige spelers in de Syrische oorlog. De Koerdische YPG won terrein, kreeg training, geavanceerde wapens en bovenal: zelfvertrouwen. Het geloof groeide onder Koerden in Syrië dat een eigen onafhankelijk land mogelijk is.

Een schrikbeeld voor Turkije, dat aan haar kant van de grens al 35 jaar lang een bloedige strijd voert tegen Koerdische terreur. Met de aanstichter van dat bloedvergieten, de PKK, is Turkije sinds 2015 weer in een meedogenloze oorlog verwikkeld. Met zware bomaanslagen in Turkse steden en de totale verwoesting van Koerdische dorpen en stadswijken in het oosten van Turkije tot gevolg.

Volgens Turkije zijn de PKK en de YPG dezelfde Koerdische beweging. En werkt NAVO-partner Amerika in Syrië dus samen met Turkijes grootste vijand. De frustratie hierover bereikte de afgelopen weken in Turkije een hoogtepunt. President Erdogan noemde de strijd tegen IS in Syrië zelfs een theater. Dat niets meer is dan een dekmantel van Amerika, om samen met de YPG een front te kunnen vormen tegen Turkije.

De Turkse regering ziet inmiddels nog maar één uitleg: Amerika is uit op het verzwakken van Turkije.

Minister Cavusoglu AFP

De Turkse minister van Buitenlandse Zaken Cavusoglu zei het deze week heel raak: deze relatie zal worden gerepareerd, of hij zal totaal breken. Vooral over de Amerikaanse bewapening en training van de YPG zegt de Turkse regering geen beloften meer te zullen accepteren. We willen concrete stappen zien.

Maar Amerika zal loyaal willen zijn aan de Koerdische strijders, die offers hebben gebracht in de strijd tegen IS. Bovendien zit er een blijvend belang voor Amerika in samenwerking met de YPG in Syrië. Het strijdtoneel is bezaaid met vijanden van de VS: de Syrische president Assad, jihadisten, Iran, Rusland. Wil Amerika een rol blijven spelen, dan heeft het op z n minst één trouwe bondgenoot nodig.

Zo hebben de twee NAVO-landen zich in een knoop gemanoeuvreerd die haast niet te ontwarren is. Te beginnen bij hun militairen die elkaar in Manbij recht in de ogen kijken. Als ze daar niet uitkomen, is die totale breuk of misschien zelfs bloedvergieten, niet ondenkbaar.

STER reclame