Lucebert van zijn voetstuk gevallen? Voor Remco Campert niet

Aangepast
Remco Campert nam het eerste exemplaar van het boek van Wim Hazeu in ontvangst Jeroen Wielaert / NOS
Geschreven door
Jeroen Wielaert
verslaggever

"We staan altijd achter Lucebert als Stedelijk Museum." Dat zei Suzanna Héman, beheerder van het Lucebert-archief na de presentatie van de biografie over de inmiddels omstreden kunstenaar. Het gebeurde zondagmiddag in een stampvolle bovenzaal in het Stedelijk zelf.

Voor het eerst reageerden ook Luceberts dochters Maya en Ellen op de storm die is ontstaan na de onthullingen van Wim Hazeu over de nazisympathieën die hij tijdens de oorlog koesterde. Over zijn zwijgen daarover, na de oorlog: "Hij was een bange man. Hij heeft het in zijn werk verwerkt."

Motor van vernieuwing

Lucebert heeft een lange geschiedenis in het Stedelijk Museum. In 1949 was hij er voor het eerst bij in een tentoonstelling over de naoorlogse CoBrA-beweging. Zijn gedichten waren in een zogenaamde 'dichterskooi' beland naast het werk van Gerrit Kouwenaar en Bert Schierbeek.

De toenmalige museumdirecteur Willem Sandberg raakte onder de indruk van Luceberts rebelse vrijheidsgevoel, zag er een motor van vernieuwing in. Het waren de jaren vijftig: iedereen keek vooruit, er werd gezwegen over de oorlog. Lucebert hield dat graag zo.

Lucebert in 1983 ANP

Sandberg had geen kennis van de oorlogsbrieven die Hazeu onder ogen kreeg, vol jodenhaat en bewondering voor Hitler. Hazeu zei bij de presentatie als relativering dat Luceberts oorlogsverleden een achtste van het boek vult.

Hazeu haalde de regels aan die schrijver en dichter Ilja Pfeijffer noteerde in het Belgische dagblad De Morgen: 'Ieder mens heeft het recht om zich te vergissen, als je maar de moed hebt om van mening te veranderen. Lucebert heeft zijn dwaling ingezien.'

Ik verzet me tegen het idee dat het alleen maar een soort jeugdzonde was.

Emile Schrijver, directeur Joods Historisch Museum

Als directeur van het Joods Historisch Museum is Emile Schrijver het niet eens met dit soort bagatellisering. In een tafelgesprek zei hij: "Ik verzet me tegen het idee dat het alleen maar een soort jeugdzonde was. Het is een jongen van 18, maar het liegt er niet om." Die brieven van toen zijn fout, vindt hij. "Moet je het werk van Lucebert dan niet meer tentoonstellen? Natuurlijk niet. Alleen de context zal anders zijn."

Een oudere vrouw uit de zaal vraagt zich hardop af: "Minder nog dat hij het gedaan heeft, vind ik het erg dat hij er nooit over heeft gesproken. Waarom heeft hij altijd gezwegen?"

Volgens Schrijver was het uitspreken van zijn sympathieën niet goed geweest in de jaren vijftig. "Lucebert geloofde in het comfort van het niet uitgesprokene."

Hij is zoals bekend als kind in een kast opgesloten geweest. Hij was een heel erg bange man.

Maya Swaanswijk, dochter Lucebert

Hier maakt Luceberts dochter Maya bezwaar tegen. "Ik denk dat hij het uit angst gedaan heeft", zegt ze. "Hij was een heel erg bange man. Hij is zoals bekend als kind in een kast opgesloten geweest, omdat zijn vader moest werken. Als hypersensitief persoon had hij veel angst in zich."

Zus Henny aansluitend: "Hij heeft het in zijn werk verwerkt."

Maya: "Wat ik jammer vind aan de lawine die we over ons heen hebben gekregen als familie, is dat de mensen ontzettend geneigd zijn om iemand met een hakbijl het hoofd af te hakken. Eigenlijk is het wel interessant dat mijn vader het ook in zijn poëzie verwoordde: dat we allemaal als mensen niets anders willen dan keihard oordelen."

"Zoals Hazeu schreef in zijn boek: hij ging niet naar de Biennale van Venetië. Hij verschool zich. Als persoon bleef hij achter de schermen. In zijn werk verwoordde hij wat hij niet durfde of uit wilde spreken uit angst."

Nieuwe kennis

Dergelijke emoties hebben ze niet in het Stedelijk. Beheerder Suzanna Héman zegt kalm: "Het was geen fijn bericht. Nu nemen we de kennis van die brieven mee. Je kunt niet zeggen dat zijn werk daarmee teniet wordt gedaan. We nemen nu de tijd om alles opnieuw te bekijken."

Luceberts oude vriend Remco Campert vond Hazeus bevindingen in eerste instantie 'verschrikkelijk'. Na het ontvangen van het eerste exemplaar van de biografie zegt hij: "Iedere vriend heeft een foutje. Ik heb moeite met oordelen over handelingen van mensen in de oorlog. Je moet er in geleefd hebben om de situatie te kennen."

"Lucebert was een man van grootse ideeën", vervolgt Campert. "Dat Duitse Rijk was een groots idee natuurlijk. Dat antisemitisme van hem kan ik niet serieus nemen. Een krant schreef dat hij van zijn voetstuk gevallen is. Voor mij niet in ieder geval."

STER Reclame