Reuters

Paus Franciscus heeft uitgelegd waarom hij tijdens zijn bezoek aan Myanmar het woord 'Rohingya' niet in de mond heeft genomen, de moslimminderheid die in dat land wordt onderdrukt. Hij zegt dat hij niemand voor het hoofd wilde stoten en daarom koos voor een diplomatieke oplossing.

Dinsdag had de paus in Myanmar een ontmoeting met regeringsleider Aung San Suu Kyi. In een gezamenlijke toespraak riep Franciscus op tot vrede en tolerantie tussen de verschillende etnische groepen en religies, zonder expliciet te verwijzen naar de situatie rond de Rohingya.

De paus zegt dat hij in persoonlijke ontmoetingen met Suu Kyi en een legerleider wel heeft gesproken over de kwestie. "En daar is mijn boodschap zeker overgekomen", zegt de paus. "Als ik het handelen van Myanmar publiekelijk had afgewezen, had ik de deur dichtgeslagen in het gezicht van de gastheer. Dan had ik mijn boodschap niet goed kunnen overbrengen."

Paus Franciscus: als ik dat woord had gebruikt, was de deur dichtgegaan

Vrijdag sprak Franciscus in Bangladesh met een groep Rohingya-vluchtelingen. Toen nam hij het woord 'Rohingya' wel in de mond. "De aanwezigheid van God vandaag wordt ook wel 'Rohingya' genoemd", zei hij.

Tweederangsburgers

De Rohingya vormen een islamitische minderheid in het overwegend boeddhistische Myanmar en worden in dat land als tweederangsburgers beschouwd. Eind augustus opende het Myanmarese leger de jacht op gewapende Rohingya die politiebureaus hadden aangevallen. Daarop vluchtten honderdduizenden Rohingya naar Bangladesh, dat overwegend islamitisch is.

De Rohingya leven daar onder erbarmelijke omstandigheden in geïmproviseerde tentenkampen, waar al een half miljoen Rohingya woonden die eerder op de vlucht sloegen.

STER reclame