Hof bepaalt dat toch alle melkveehouders moeten inkrimpen

ANP

Het gerechtshof in Den Haag heeft besloten dat toch alle melkveehouders hun veestapel moeten inkrimpen tot op het niveau van 2 juli 2015. Dat geldt ook voor melkveehouders die voor die beslissing al hadden geïnvesteerd in uitbreiding.

Het hof bepaalde dat in een geschil van melkveehouders over fosfaatreductie. Eerder dit jaar besliste de rechtbank nog in het voordeel van de boeren.

Aanleiding is de regeling fosfaatreductieplan 2017 die op 1 maart in werking is getreden. Daarin staat dat melkveehouders het aantal melkkoeien moeten verminderen tot het aantal van 2 juli 2015. Als ze dat niet lukt, moeten ze een heffing betalen. Nederland mag van Europa meer mest op het land brengen dan andere Europese landen, maar moet zich dan wel aan een maximum houden.

Onomkeerbare investeringen

De voorzieningenrechter oordeelde eerder nog dat de melkveehouders die voordat de regeling inging al onomkeerbare investeringen hadden gedaan onevenredig zwaar getroffen waren. Daarom werd voor hen de regeling buiten werking gesteld. De Staat ging in hoger beroep en het hof heeft nu dus anders besloten. Het arrest geldt ook voor biologische boeren.

Het hof is van oordeel dat de boeren hadden kunnen weten dat er maatregelen zouden komen nadat de melkproductie explosief was gestegen door afschaffing van het melkquotum. Ook had toenmalig staatssecretaris Martijn van Dam al eerder aangegeven dat er maatregelen nodig waren om aan de eisen van Brussel te voldoen.

Na de afschaffing van het melkquotum in 2015 hebben veel boeren in Nederland flink geïnvesteerd in de uitbreiding van hun bedrijf en het aantal melkkoeien. Maar daardoor steeg de hoeveelheid mest en daarmee fosfaten uiteindelijk boven het toelaatbare niveau. Daarom kwam het kabinet met nieuwe regelgeving, die bepaalt dat de veestapel moest worden teruggebracht naar het niveau van 2 juli 2015.