Archiefbeeld van slachtoffers van de aanval op Khan Sheikhoun AFP

Vijf dagen voor de aanval met het zenuwgas sarin op de Syrische plaats Khan Sheikhoun is in een ander Syrisch dorp ook saringas gebruikt. Bronnen rond de OPCW, die toezicht houdt op chemische wapens, zeggen dat tegen de persbureaus Reuters en AFP.

Er zouden sporen van het gas zijn aangetroffen in het Noord-Syrische dorp al-Lataminah. Bij de aanval op dat dorp vielen voor zover bekend geen doden, maar waren wel zo'n zeventig gewonden met symptomen van het zenuwgas.

Eind maart kwamen bij een luchtaanval met saringas op Khan Sheikhoun meer dan tachtig mensen om het leven. Volgens de Syrische regering werd toen een wapenopslag gebombardeerd en is er geen zenuwgas gebruikt, iets wat de OPCW bestrijdt. Enkele dagen na de aanval bombardeerde de VS als vergelding een Syrische luchtmachtbasis.

Verkrampte spieren

Uit videobeelden was al duidelijk geworden dat veel van de gewonden in al-Lataminah verkrampte spieren en kleine pupillen hadden. Ook zweetten ze heftig en hadden ze schuim rond hun mond, verschijnselen die optreden als het zenuwgas wordt ingeademd.

De vondsten van de OPCW komen kort na een VN-rapport waarin staat dat het Syrische leger verantwoordelijk is voor zeker 27 aanvallen met chemische wapens. De OPCW presenteert binnenkort een eigen onderzoeksrapport over chemische wapens in Syrië.

Syrië heeft altijd ontkend chemische wapens te gebruiken. In 2013, nadat het land in verband was gebracht met een gifgasaanval op Ghouta waarbij meer dan 1400 doden vielen, werd Syrië lid van de OPCW. De regering van Assad houdt vol dat alle chemische wapens sindsdien zijn vernietigd.

STER reclame