NOS

"Ze waren met zeven man en liepen op het dak. Ik weet niet hoe, maar ze hadden ergens een sleutel geregeld. Met een heftruck hadden ze een gat in het plafond gemaakt en zo konden ze naar buiten. Ontsnappen. Een gevangene vonden ze pas na zes maanden terug. Een ander ontsnapte naar Colombia. Die stuurde een aantal maanden later een kerstkaart naar ons. Met groetjes 'en tot nooit meer'."

Voormalig cipier Teun ('eigenlijk heet ik Dick, maar zo heette iedereen al') vertelt over een ontsnapping uit de Bijlmerbajes; het indrukwekkendste verhaal dat hij kan bedenken uit zijn 34-jarige carrière. De voormalige gevangenis in Amsterdam dient nu als culturele broedplaats, voor en door asielzoekers. Een van de organisaties in het gebouw is The Movement Hotel, met hotelkamers in de voormalige cellen.

Van koude cel tot warm hotel

Het is een bizarre gewaarwording, want waar je een paar verdiepingen hoger in de toren de lift nog uitstapt en kapotte vloeren, oude cellen en een gebruikte telefooncel ziet, zie je een aantal verdiepingen lager dezelfde cellen met mooie bedden, opgeknapte badkamers en planten.

De ruimtes hebben een ding gemeen: het uitzicht. Want hoeveel verdiepingen je de lift naar beneden neemt, je blijft kijken naar de grimmige binnenplaats, waar ooit de gevangenen een half uurtje naar buiten mochten en een potje basketbal speelden. De binnenplaats die niet helemaal te zien is, omdat de tralies het zicht beperken.

Soms waren er wel tien cipiers nodig om iemand te kalmeren.

Teun, oud-cipier in de Bijlmerbajes

Als gast van het hotel krijg je twee rondleidingen. Eerst door het hotel, dat bestaat uit twee verdiepingen. De eerste verdieping, waar zich de receptie, de lounge en een aantal kantoren bevinden, is gebouwd op de plek waar vroeger de medische afdeling zat. "Hier was de apotheek, hier zat de psychiater", vertelt de hotelmanager. Allemaal kamers die door de roze verf niet meer het 'gevangenis-gevoel' uitstralen. Op de tweede verdieping, met de hotelkamers, is dit gevoel al beter te voelen. De kamers, voormalige cellen, zijn omgebouwd, maar de originele opbouw is nog behouden.

De verdieping waar vroeger de medische afdeling zat NOS

De tweede rondleiding vindt hoger plaats. Met een lift ga je naar boven. Een lift met dubbele deuren, die dienden als extra beveiliging voor de cipiers. Als de deur opengaat bij het eerste gevangenispaviljoen, is het verschil duidelijk zichtbaar. Een bedframe ligt op zijn kant. Een telefooncel trekt de aandacht in de hoek. Daar belden de gevangenen met familie, vrienden of advocaat. "Een telefoonkaart kostte 5 euro", vertelt Rob Hoogerwerf, projectleider van The Movement Hotel.

De gang die een paar verdiepingen lager nog een vakantiegevoel uitstraalde, is hier grijs en grauw. De cellen zijn niet meer gevuld met tweepersoonsbedden, maar met eenpersoonsmatrasjes. De wc is een kleine badkamer geworden. De planten zijn weg. Op de muren zijn teksten geschreven. "Ik ben verraden", is te lezen. In het midden van het paviljoen staat een voetbaltafel, voor het grote raam staat een fitnessfiets.

In het midden van het paviljoen staat een voetbaltafel, voor het grote raam staat een fitnessfiets NOS

"Elke dag stond eigenlijk in het teken van de rechtszaak van de gevangene", vertelt Teun. "Gedetineerden mochten een keer per dag luchten, gingen sporten en een paar keer eten. Als je bezoek kreeg, mocht je een keer extra douchen."

Zeker 720 gedetineerden verbleven in de Bijlmerbajes, een deel daarvan in het 'dakpaviljoen', met isoleercellen. "Ja, hier is het grimmiger", vertelt Teun. Inmiddels zijn we weer met de lift een paar verdiepingen naar boven gegaan. Hier zijn de cellen, met een zwaar beveiligde deur, anders ingericht. Een matrasje, geen badkamer, maar een wc. Op de muur een krijtbord ("zodat gevangenen hun creativiteit in isolatie konden uiten").

In de hoek hangt een camera en ligt een anti-scheurdeken. Op het bed ligt een deken die niet opgerold kan worden. "Dus kon de deken ook niet om de nek heen." Allemaal om suïcides te voorkomen.

De gang met isoleercellen NOS

Toch gebeurde het. Twee keer werd er zelfmoord gepleegd. "De eerste keer snapten we niet hoe het had kunnen gebeuren, maar na de tweede keer praatte iemand zijn mond voorbij", zegt Teun. De gevangene, in de isolatiecel, had een handstand op de wc gemaakt en zich laten vallen. "Daarbij brak zijn nek. Hij had maar drie seconden nodig, niemand van de cipiers had het gezien." Na die voorvallen werden spijltjes op de wc geplaatst. "Dus noemden wij het vanaf toen 'barbecues'."

Op de verdieping van de isolatiecellen bevinden zich ook twee 'luchtkooien'. Daar mochten de gevangenen een half uur per dag een luchtje scheppen. De muren staan volgeklad met berichten. "Coby S. zat hier op rapport" en "Holy Tony" is te lezen.

"Coby S. zat hier op rapport" NOS

Het ging hier wel vaker mis, vertelt Teun. "Soms waren er wel tien cipiers nodig om iemand te kalmeren." En het meest bizarre op deze gang? "Een gevangene die zeventien theelepels had ingeslikt moest hier een week blijven. Want die theelepels moesten eruit. Dat moesten we zeker weten."

In de lift terug naar beneden vertelt Teun nog meer verhalen. Over die ontsnappingen met dekens uit het raam en die ene keer dat hij bang was voor een gedetineerde. "Hij had een lege blik. Dan ben je niet te vertrouwen."

De deuren in de hamam vertellen de verhalen NOS

Beneden gaat Teun terug naar zijn kantoor en staan wij op een binnenplaats. Met een restaurant, een barbecue, muziek en lachende mensen. Verderop is een boksschool, een hamam en zijn bedrijven gevestigd. Een heel andere sfeer, maar toch blijft de Bijlmerbajes zichtbaar. Of dat nou komt door het gebouw, de camera's of de beveiliging; de geschiedenis zal hier niet snel worden vergeten.

STER reclame