Gemeenten zien waarschuwingen om staatsveiligheid over het hoofd

ANP

Door een fout bij de gemeente heeft iemand die gesignaleerd stond vanwege de staatsveiligheid een nieuw paspoort gekregen. Dat schrijft minister Plasterk (Binnenlandse Zaken) in een brief aan de Tweede Kamer. Ook drie anderen kwamen niet goed in de gemeentelijke systemen terecht, maar zij kregen geen nieuw identiteitsdocument, omdat zij dat niet hadden aangevraagd.

Gemeenten controleren jaarlijks zelf hoeveel fouten gemaakt zijn bij de verwerking van gegevens in de Basisregistratie Personen en de aanvragen van paspoorten en identiteitskaarten. In 2016 werden in totaal meer dan drieduizend fouten gemaakt, waarvan zo'n 1800 fouten direct na constatering zijn rechtgezet. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om mensen van wie de voornaam ingevuld staat bij het vakje voor de achternaam.

Het paspoort dat in april dit jaar werd verstrekt, ondanks een signalering vanwege de staatsveiligheid, werd na vier maanden weer ingetrokken. Minister Plasterk heeft de minister van Veiligheid en Justitie van de fout op de hoogte gebracht. Om wie het gaat, of welke gemeente de fout heeft gemaakt, is niet bekendgemaakt. De signalering van de drie anderen werd opgemerkt en verwerkt voordat zij nieuwe papieren konden aanvragen.

Foutgevoelig

Gemeenten worden geacht te controleren of er wel een paspoort of identiteitskaart mag worden verstrekt aan de hand van het Register Paspoortsignaleringen (RPS). Wie in dat register is opgenomen, kan eventueel een paspoort geweigerd worden. Het kan daarbij gaan om misdadigers of terreurverdachten, maar bijvoorbeeld ook om mensen met schulden.

Dat het zo nu en dan mis gaat, komt volgens Plasterk doordat gemeenten de informatie uit het signaleringsregister handmatig moeten overzetten naar de basisregistratie personen. Omdat die werkwijze te foutgevoelig is, zegt Plasterk te werken aan een geautomatiseerd systeem.