'Ouderen met zware beroepen halen pensioen vaker niet'

ANP

Het aantal afgekeurde ouderen met zware beroepen stijgt sterk. Ze krijgen dan een arbeidsongeschiktheidsuitkering om de periode tot hun pensioen te overbruggen, schrijft de Volkskrant. Sinds de pensioenleeftijd van 65 naar 67 is gegaan is het aantal nieuwe arbeidsongeschikten verdubbeld bij pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT).

"De pensioenleeftijd stijgt zo snel dat ouderen met een zwaar beroep dat niet kunnen bijhouden", zegt Jan Berghuis van PMT.

"En het einde van de groei van nieuwe arbeidsongeschikten is nog lang niet in zicht'', zegt Berghuis. "We hebben een beperkte regeling om vervroegd te kunnen stoppen met werken. Die is in 2020 afgelopen. Dan verwacht ik een explosieve stijging.''

Ook bij het pensioenfonds Zorg & Welzijn worden ouderen vaker arbeidsongeschikt verklaard. Berghuis vindt dat zware beroepen eerder met pensioen moeten kunnen. "Loodgieters of onderhoudsmedewerkers die vaak al op hun zeventiende begonnen zijn met zwaar werk, houden dat niet vol tot ze bijna 68 of misschien nog wel ouder zijn."

Afgekeurd

Volgens het UWV is de kans om arbeidsongeschikt te worden voor 55-plussers ongeveer tien keer zo groot als voor werknemers onder de 25 jaar. Ouderen krijgen daar in toenemende mate mee te maken omdat de pensioenleeftijd sinds 2013 omhooggaat, tot 67 jaar en 3 maanden in 2021.

Wie twee jaar achter elkaar ziek is geweest en wordt afgekeurd heeft recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering. In zo'n geval wordt 70 procent van het laatstverdiende loon maandelijks uitbetaald.

Pierre Koning, hoogleraar arbeidsmarkt en sociale zekerheid aan de VU, noemt het in de Volkskrant opvallend dat ouderen nu makkelijker in de WW terechtkomen en dat tegen het einde van die uitkering het aantal zieken toeneemt. "Is dat omdat zij ook echt ziek zijn geworden, of vragen ze een andere uitkering aan? Er wordt weliswaar streng gekeurd, maar dat is iets om in de gaten te houden."