Dna-sporen leiden naar haarkleur verdachte

Aangepast
ANP

Het komt steeds dichterbij: een compositietekening van een dader maken op basis van dna. Na langdurig onderzoek past het Nederlands Forensisch Instituut vanaf vandaag een nieuwe opsporingsmethode toe. Met behulp van sporen die op een plaats delict worden gevonden, kunnen zij nu niet alleen de oogkleur en geografische herkomst van een dader bepalen, maar ook de haarkleur.

Het NFI helpt zo de politie met gerichter zoeken naar een dader. Wanneer er na het testen van de dna-sporen geen match is met de databank, kunnen uiterlijke kenmerken zoals haar- en oogkleur helpen onbekende daders op te sporen. Tot vandaag was het wettelijk niet toegestaan om haren te gebruiken voor een dna-onderzoek, maar sinds vandaag zijn de regels verruimd.

"Dit is natuurlijk heel plezierig", vertelt Lex Meulenbroek, dna-onderzoeker van het NFI. "Wanneer een politie-onderzoek helemaal vastzit, kan deze informatie van belang zijn. Maar het moet wel voldoende dna zijn, en de politie moet er zeker van zijn dat het van de dader is", vertelt de onderzoeker.

Een dna-profiel op een computer bij het NFI ANP

De nieuwe methode volgt na jarenlang onderzoek van het Erasmus MC. Onderzoekers hebben honderden verschillende haarkleuren geanalyseerd. Daarbij zijn dna-markers geĆÆdentificeerd die bepalend zijn voor de haarkleur. Daar is vervolgens een test voor ontwikkeld die het NFI vanaf vandaag in gebruik neemt. Het gaat om de haarkleuren rood, bruin, zwart en blond. "Die kunnen we uit dat dna halen", zegt Meulenbroek in het NOS Radio 1 Journaal.

Maar daders kunnen toch hun haar verven of afscheren? "Dat klopt", beaamt Meulenbroek. "Maar het blijft wel een van de puzzelstukjes in een groter geheel. Het is belangrijk om deze ontwikkeling in perspectief te zien. Er zijn ook andere variabelen die we meenemen in ons onderzoek"

Het NFI kon de geografische herkomst en de oogkleur van een dader al vaststellen en zien waar de voorouders van een dader vandaan komen, zoals Afrika, Zuidoost-Aziƫ of Noordwest-Europa. Het NFI wil de komende jaren kijken of ze verder kunnen inzoomen op dat gebied. "Bijvoorbeeld of iemand afkomstig uit het Middellandse Zeegebied", zegt Meulenbroek.

Toekomst

Het onderzoek naar uiterlijke kenmerken is volgens het NFI nog lang niet afgerond. "We hopen dat wij binnen vijf jaar ook iets kunnen zeggen over de gezichtsopbouw van een dader. Bijvoorbeeld de oog-oorafstand", vertelt Meulenbroek.

Daarnaast richt het vervolgonderzoek zich op het vaststellen van sproeten, kaalheid en huidskleur. En het NFI hoopt uiteindelijk ook de leeftijd van een dader uit het dna te halen. "Daarmee kunnen we uiteindelijk een gedetailleerde compositietekening van een dader maken, en dat kan van enorme meerwaarde zijn in politie-onderzoek", aldus Meulenbroek.

STER Reclame