Zelfs kleine Marty Scorsese tekende al storyboards

time icon Aangepast
Columbia Pictures
Geschreven door
Lambert Teuwissen
Redacteur

"As far back as I can remember, I always wanted to be a gangster", knauwt Henry Hill aan het begin van Goodfellas. Bij de jonge Martin Scorsese gold dat voor film maken, is te zien op de tentoonstelling die aan de regisseur is gewijd in filmmuseum Eye. De 11-jarige Marty werkte al in detail shots uit voor films die hij wilde maken. "Ik tekende storyboards, al wist ik toen nog niet hoe dat heette", legt hij uit in een begeleidend filmpje.

Marty had ambitie: voor zijn The Eternal City moest Marlon Brando een Romeinse keizer spelen, daarnaast had hij Alec Guinness en Richard Burton op het oog. Jack Palance en Antony Quinn konden een bijrol krijgen, aangevuld met "a cast of ten-thousands".

Zelfs op die jonge leeftijd was Scorsese al duidelijk geschoold in film. Omdat hij een ziekelijk kind was, kon hij weinig buiten spelen. In plaats daarvan keek hij films: Amerikaanse westerns, Hitchcock-klassiekers, Italiaans neorealisme, film noir. Het zou later allemaal terugsijpelen in zijn eigen werk.

Zo baseerde hij de montage en kadrering van een slopend gevecht uit Raging Bull op de douchescène uit Psycho. "Een mes dat het kader doorklieft in een scherpe, contrastrijke zwart-witbelichting is iets heel anders dan een bolstaande bokshandschoen," legt hij uit, "maar het ging me om de energie ervan. Als ik maar iets had, iets van een plan. Dan baseer ik het daarop en vervolgens gooi ik het uit het raam."

Fragmenten uit Raging Bull Eye

Op de tentoonstelling is het storyboard van de scène te zien: 48 shots voor misschien een minuut film. Allemaal beklemmend dichtbij gefilmd in extreme close-ups en toch vraagt Scorsese zich in de aantekeningen af, "nog dichterbij?" De tekeningen zijn inmiddels veel schetsmatiger dan in zijn kinderjaren, de enige kleur is rood: wilde pennenstreken voor het opspattende bloed.

Storyboard van Raging Bull Eye

Meer dan 400 archiefstukken zijn te zien op de tentoonstelling, die eerder onder meer Berlijn en New York aandeed. Naast de storyboards ook veel familiefoto's, scripts vol priegelige aantekeningen, post-its met Jezus' monoloog uit The Last Temptation of Christ, de kleding van Leonardo DiCaprio uit Gangs of New York.

"Veel van de objecten die zijn te zien, zijn letterlijk van mijn wanden en boekenplanken getrokken", lacht Scorsese in een introductie. Ook de Palm d'Or die hij in 1976 won voor Taxi Driver is te zien, zijn Oscar voor The Departed ontbreekt.

Martin Scorsese Brigitte Lacombe

Scorsese blijkt zich te kunnen opwinden over de kleinste details van zijn films. Zo verklapt een getoonde brief dat hij erop staat zijn films te beginnen met de titelkaart 'A Martin Scorsese Picture', in plaats van het gangbare 'A film by Martin Scorsese'.

"Als kind wilde ik altijd schilder worden", legt Scorsese uit in de brief. "Maar ik bleek ernstig allergisch voor verf en moest een andere manier vinden om me te uiten. Mijn verlangen om schilderijen te maken bleef en vormde de basis van mijn filmcarrière. Hoe meer films ik zag, hoe meer het me fascineerde dat elk frame een miniatuurschilderij leek. Daarom gebruik ik het liefst het woord 'picture'."

Jurk van Cate Blanchett

Ook kostuumontwerper Sandy Powell, die bij de opening aanwezig was, merkte hoever Scorsese bereid was te gaan. Voor The Aviator wilde hij tinten nabootsen van de eerste kleurenfilms: groene erwtjes werden daardoor bijvoorbeeld blauwig. Dat had ook gevolgen voor de kleren die Powell had ontworpen, bleek bij de opnames.

"Toen ik een jurk van Cate Blanchett op het scherm zag, was het een gruwelijke kleur kaki", zegt Powell. Het effect was totaal anders dat we hadden gedacht. Ik liet zien wat ik in gedachten had, en toen besloot Marty de kleur digitaal aan te passen. Er werd gegrapt dat het daardoor de duurste jurk van Hollywood werd. En hij was maar een paar seconden in beeld."

'De duurste jurk van New York' Eye

STER Reclame