Een van de slachtoffers van de aanval
NOS NieuwsAangepast

Geen VN-gifgasresolutie, VS dreigt met actie

De Amerikaanse VN-ambassadeur Nikki Haley heeft in de Veiligheidsraad impliciet gedreigd met eenzijdig ingrijpen als de VN niet eensgezind besluit Syrië te straffen vanwege de gifgasaanval van gisteren. "Als de VN faalt in zijn opdracht om gezamenlijk in actie te komen, dan kunnen landen zich geroepen voelen om zelf tot handelen over te gaan", zei Haley in New York.

De VN-Veiligheidsraad slaagde er vanmiddag niet in een resolutie aan te nemen over de gifgasaanval in Noordwest-Syrië. De resolutie is niet in stemming gebracht; Rusland achtte de tekst "onacceptabel".

Eerder vandaag zei een woordvoerder van het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken al dat de resolutie "anti-Syrisch" was, en gestoeld was op "valse aannames". Bij de aanval kwamen gisteren tientallen, mogelijk zelf meer dan honderd mannen, vrouwen en kinderen om het leven.  

Onderzoek

De VS, Frankrijk en Groot-Brittannië hadden de ontwerpresolutie opgesteld. Daarin wordt de aanval met gifgas veroordeeld en een diepgaand onderzoek in Syrië geëist. De drie landen leggen de verantwoordelijkheid voor de aanval bij de regering van president Assad.  

De Syrische autoriteiten zeggen dat zij niets te maken hebben met de gifgasaanval. Volgens hun Russische bondgenoten is het gas vrijgekomen toen Syrische gevechtspiloten een depot met chemische wapens van de rebellen troffen. Het Witte Huis noemt de Russische lezing van de gebeurtenissen in Syrië vanmiddag "ongeloofwaardig". 

Sarin

Volgens de hulporganisatie Artsen zonder Grenzen is de aanval van gisteren waarschijnlijk uitgevoerd met het zenuwgas sarin. Medewerkers van AzG concluderen dat uit de symptomen die ze hebben gezien bij acht slachtoffers die naar een ziekenhuis bij de Turkse grens zijn gebracht. 

De Syrische regering heeft in het verleden diverse aanvallen met sarin uitgevoerd. De VN nam in 2015 een resolutie aan waarin staat dat het gebruik van chemische wapens door Syrië bestraft kan worden met economische of militaire sancties. Ook mogen in Syrië geen chemische wapens worden gemaakt of opgeslagen. 

Donorgeld

De internationale gemeenschap heeft voor dit jaar 5,6 miljard euro toegezegd voor hulp aan de slachtoffers van de burgeroorlog in Syrië. Duitsland bleek met de belofte van 1,3 miljard steun de gulste deelnemer aan de donorconferentie in Brussel. Maar, zei de Duitse minister Gabriel van Buitenlandse Zaken, zolang president Assad nog aan de macht is mag het Duitse hulpgeld niet gebruikt worden voor wederopbouwactiviteiten in Syrië zelf. 

Na Duitsland volgden Groot-Brittannië (538 miljoen euro) en de VS (527 miljoen euro). Rusland zegde geen hulp toe.  

Deel artikel:

Advertentie via Ster.nl