De 82-jarige Hosni Mubarak was één van de langstzittende presidenten in de Arabische wereld. Hij heeft drie decennia aan het hoofd gestaan van een land met momenteel ruim 80 miljoen mensen.

Na achttien dagen van vastberaden volksprotest in de hoofdstad Caïro en andere grote steden in het land heeft hij de handdoek in de ring gegooid.

Luchtmachtpiloot

De boerenzoon Mohammed Hosni Mubarak wordt luchtmachtpiloot en maakt carrière in het leger. Hij schopt het onder de pro-Westerse president Sadat tot vicepresident. Hij dankt zijn functie onder meer aan zijn heldenrol in de Jim Kippoeroorlog uit 1973 tegen Israël.

Werden de Egyptenaren en de andere Arabische landen enkele jaren eerder in 1967 tijdens de Zesdaagse Oorlog nog verpletterend verslagen door Israël, in 1973 krijgen de Arabische landen Israël bijna op de knieën. Dat feit wordt gevierd als een overwinning en Mubarak maakt promotie.

Camp David

Toch sluit Egypte in 1979 vrede met Israël, in de Camp David-akkoorden. Het zal Sadat zijn leven kosten. Hij wordt in 1981 vermoord door islamitische extremisten. Mubarak volgt Sadat op.

Onder zijn regime wordt Egypte in bijna alle opzichten een dictatuur. Met de hulp van het leger en geheime diensten houdt hij het land in een ijzeren greep.

Mubarak kan gedurende zijn hele presidentschap rekenen op steun van het Westen, want een belangrijke pijler in vooral het Amerikaanse buitenlandbeleid is de vrede met Israël. De Verenigde Staten zijn gebaat bij een stabiel Egypte in een instabiele regio. Ze komen daarom met veel geld over de brug. Een groot deel daarvan gaat linea recta naar het leger. Mubarak ontvangt de miljarden dollars dankbaar en blijft zijn hele politieke leven een trouw bondgenoot van de VS.

Oppositie

Tijdens opeenvolgende presidentsverkiezingen in de jaren tachtig en negentig weet Mubarak het zo te regelen dat de oppositie niet of nauwelijks aan bod komt. Elke keer was het zeker dat Mubarak zou winnen. Ook de parlementsverkiezingen zet hij naar zijn hand, zoals eind vorig jaar nog. De belangrijkste oppositiebeweging, de islamitische Moslimbroederschap, verdwijnt uit het parlement. Veel leden gaan de cel in.

Gedurende zijn hele regeerperiode geldt de noodtoestand. Die geeft de staat extra bevoegdheden om mensen te arresteren. Volgens Mubarak is dat nodig om het islamitisch terrorisme de kop in te drukken.

Het 'gevaar' van de Moslimbroederschap is voor Mubarak altijd het voorwendsel gebleven om de noodtoestand te handhaven. President Bush jr. dringt tijdens zijn regeerperiode aan op democratische hervormingen, maar Mubarak weet de boot af te houden met altijd hetzelfde argument: het is in Egypte 'ik of de chaos'.

Armoede

Zo gerespecteerd als hij wordt in het buitenland, vooral dus uit politiek opportunisme, zo gehaat is Mubarak in eigen land.

Veel Egyptenaren houden de president verantwoordelijk voor de deplorabele toestand van het land. Tijdens zijn hele ambtsperiode doet hij bijna niets voor de gewone Egyptenaren. De economische crisis doet zich de laatste jaren ook in Egypte voelen. Bijna de helft van de bevolking leeft op of onder de armoedegrens. Dat betekent rondkomen van twee dollar per dag of minder.

De werkloosheid is hoog, vooral onder jongeren. Meer dan de helft van de Egyptenaren is onder de dertig jaar. Het opleidingsniveau is laag, een derde van de bevolking is analfabeet.

Vrijheid

Vorige maand barst de bom en gaan in veel steden tienduizenden en later honderdduizenden betogers de straat op. Wellicht is het voor velen in het buitenland een verrassing: het protest wordt niet geleid door de gevreesde Moslimbroederschap, maar door een brede volksbeweging met enkele eenvoudige wensen: Mubarak eruit, vrijheid, democratie en werk erin.

Ondanks geweld en waarschijnlijk honderden doden houdt de volksbeweging vol en wordt 11 februari, dag achttien van het protest, 'Vaarwel Vrijdag'.

STER reclame