Zoon verzetsheld komt in actie voor verdreven Palestijnen

Monique van Hoogstraten / NOS
Geschreven door
Monique van Hoogstraten
Correspondent Israël en de Palestijnse gebieden

De zoon van verzetsheld Bastiaan Jan Ader spreekt vandaag in Israël een morele aanklacht uit tegen het Joods Nationaal Fonds (JNF). Erik Ader verwijt het JNF etnische zuivering en misbruik van zijn vaders naam, omdat het fonds een herdenkingsplek liet inrichten op de plek van een verwoest Palestijns dorp.

Zijn vader, dominee Bastiaan Jan Ader uit Nieuw-Beerta, redde in de Tweede Wereldoorlog 200 tot 300 Joden in Nederland, volgens onderzoek van Yad Vashem. Hij nam onderduikers in huis en zette een ondergrondse organisatie op om Joden door het hele land onderdak te geven. 

Ader werd in 1944 door de nazi’s gefusilleerd. Zoon Erik was zestien dagen daarvoor geboren.

Het Holocaustmuseum in Jeruzalem eerde Bastiaan Jan Ader postuum voor zijn inzet in de oorlog. Daarnaast kreeg hij van het JNF in Israël een bos en een gedenksteen. Dankbare oud-onderduikers hadden geld gedoneerd voor de aanplant van zo'n 1100 bomen.

Zoon verzetsheld gruwt van herdenkingsbos

Erik Ader ontdekte dat het bos was geplant op de plek van een verwoest Palestijns dorp, Bayt Natiff.

Verwoest dorp

Erik Ader ontdekte dat het bos was geplant op de plek van een verwoest Palestijns dorp, Bayt Natiff. De inwoners waren bij de stichting van Israël in 1948 gevlucht voor Joodse milities. "Ik kan mijn vader niet vragen wat hij ervan denkt dat zijn naam verbonden is aan dit onrecht, maar wetende waar hij voor stond is dat niet moeilijk te raden", zegt Ader.

1/2De herdenkingssteen voor de man die honderden Joden redde tijdens de Tweede Wereldoorlog Monique van Hoogstraten / NOS
2/2Erik Ader Monique van Hoogstraten / NOS

Veel inwoners van Bayt Natiff vluchtten de berg op, richting Betlehem. Ze kwamen terecht in het opvangkamp Aida. "We namen niks anders mee dan een paar extra kleren, dat wat we bij elkaar konden grijpen. Zo snel mogelijk weg, de kinderen op de rug", vertelt Abdel Majeed Abu Shrour (83), die er destijds bij was.

Hij was 14 jaar toen hij met zijn ouders, broers en zussen onderdak kreeg in grote tenten in Aida. Hij woont nog steeds in het kamp. Eerst kwamen er kleinere tenten voor de afzonderlijke families, dat werden kamertjes van beton, en nu is Aida een volgepropte wijk met smalle stegen, zwerfvuil en Palestijnse verzetsgraffiti op de muren.

Etnische discriminatie 

Het Joods Nationaal Fonds is opgericht in 1901 om grond aan te kopen voor Joodse pioniers die naar Palestina gingen. Het heeft dit jaar een budget van ruim 220 miljoen euro en staat bekend om zijn omvangrijke landbezit in Israël.

Het fonds heeft een groot deel van Israël beplant met bossen en parken. Het wordt vaker beschuldigd van etnische discriminatie omdat de gekochte grond alleen bestemd is voor Joden of de aanleg van bossen om eerdere Palestijnse bewoning in Israël toe te dekken. Dit laatste wordt ook wel greenwashing genoemd.

Het JNF heeft nimmer iemand zijn bezit ontnomen, noch iemand daarvan verjaagd.

Joods Nationaal Fonds

Het JNF in Jeruzalem wees een interviewverzoek door de NOS af, maar stuurde een schriftelijke verklaring. Daarin betuigt het "allereerst ons diepste respect voor dominee Ader, die het leven van vele Joden heeft gered tijdens de oorlog".

Het fonds wijst de beschuldiging van Erik Ader van de hand. "Het JNF heeft nimmer iemand zijn bezit ontnomen, noch iemand daarvan verjaagd, en heeft nooit één enkele boom geplant op land dat niet tot het JNF of tot de staat behoort." Voorts schrijft het fonds: "Onze boomplantacties vinden plaats onder toezicht van de 'Israel Land Administration' in overeenstemming met de wet".

We geven belastingvoordeel aan het JNF dat ook vandaag nog gestolen land bebost.

Erik Ader

Erik Ader spreekt ook Nederland aan. Hij zegt zich te schamen voor zijn land "dat alle schendingen van het internationaal recht door Israël altijd heeft geaccepteerd". Ader: "We geven belastingvoordeel aan het JNF dat ook vandaag nog gestolen land bebost".

Om de nagedachtenis aan zijn vader een andere wending te geven, doneert Erik 1100 bomen aan het Palestijnse dorp Far’ata. Zoals veel dorpen in bezet gebied heeft dat te kampen met aanvallen van Joodse kolonisten op henzelf en hun olijfbomen.

Morele steun, om te laten zien dat ze niet door iedereen in de wereld worden vergeten.

Erik Ader

Komende maandag is hier een ceremonie, waarbij Erik zelf een paar olijfbomen zal planten. "Het is materiële steun aan de boeren, maar het is ook morele steun, om te laten zien dat ze niet door iedereen in de wereld worden vergeten." 

Ook wordt hier een plaquette onthuld, met daarop de naam van Eriks vader. Op de inscriptie staat dat hij "honderden levens redde tijdens de Holocaust. Nooit meer. Voor niemand. Nergens".

Erik Ader in gesprek met Palestijnen in Far'ata Monique van Hoogstraten / NOS