Syrische vluchtelingen bij de grens met Jordanië, eerder dit jaar. AFP

Zo'n 70.000 vluchtelingen zitten onder mensonterende omstandigheden vast aan de noordoostelijke grens van Jordanië. Human Rights Watch wil daarom dat de hulp aan deze mensen, die vorige maand werd stopgezet, wordt hervat. Ook Artsen zonder Grenzen waarschuwt voor de slechte omstandigheden waarin de vluchtelingen leven.

Jordanië sloot de grens aan de kant van het vluchtelingenkamp vorige maand na een bomaanslag bij het kamp. Daarbij vielen zeven doden, dertien mensen raakten gewond. 

Militair gebied

De vluchtelingen in het kamp leven volgens NOS-correspondent Sander van Hoorn in een soort niemandsland. Het is nooit helemaal duidelijk geworden of dat stukje grond bij Syrië of bij Jordanië hoort. Maar volgens Van Hoorn behandelt Jordanië het als een gesloten militair gebied. Voorheen werden er volgens hem al weinig vluchtelingen vanaf die plek toegelaten tot het land, maar sinds de bomaanslag mag er van daaruit helemaal niemand meer Jordanië in.

Met het afsluiten van de grens is ook alle hulp aan de tienduizenden vluchtelingen die er vastzitten zo goed als gestopt. Want ook de hulporganisaties zouden geen toestemming meer krijgen om het gebied in te gaan om vluchtelingen te helpen. 

Voedsel en medicijnen

Volgens Human Rights Watch worden alle leveringen van voedsel en medicijnen tegengehouden en krijgen de vluchtelingen weinig water. Sander van Hoorn zegt dat de situatie in het kamp slecht is. "Die is sinds de aanslag alleen nog maar slechter geworden." 

De mensen leven daar ook volgens hem onder erbarmelijke omstandigheden. "De vluchtelingen zitten in de woestijn, in de brandende zon, met steeds minder water, eten en medicijnen." Niemand kan de vluchtelingen volgens hem helpen. "Niet zolang Jordanië dat niet toestaat. Vandaar dat de ogen nu op dat land gericht zijn." 

STER reclame