Workshopleider Jon Bawn en cursist Abubakr Gibril Judith van de Hulsbeek

"Hier ist das Schlauchventil", hier zit het ventiel. Workshopleider Jon Bawn en cursist Abubakr Gibril staan bij een fietsframe. De Soedanees krijgt de onderdelen van het rijwiel een voor een in het Duits uitgelegd. 

Als Gibril een doos met gereedschap op de werkbank leeggooit, krijgt hij meteen een tip: "Zorg dat je werkstation altijd netjes en schoon is."

Judith van de Hulsbeek / NOS

Gibril is een van de 1,2 miljoen vluchtelingen die vorig jaar naar Duitsland kwamen. Hij is een van de zestig cursisten die begeleid worden door de Berlijnse organisatie Arrivo. Die verzorgt samen met overheid en bedrijfsleven opleidingen om vluchtelingen om te scholen tot vakmensen.

Vandaag krijgt Gibril het eerste vak, fietsenmaken dus. Het is niet het eerste waar hij aan dacht toen hij naar Duitsland ging. In Soedan was hij boer, zijn droom was hier automonteur te worden. Of een eigen autoshowroom te openen. 

"Dat willen veel van onze cursisten", zegt Jona Krieg van Arrivo. "Automonteur of meubelmaker. Aan beroepen als verwarmingsmonteur en huismeester denken ze minder. We wijzen ze op beroepen waarin je veel sneller werk krijgt en waarvan de opleiding minder ingewikkeld is."

Euforie 

Arrivo heeft in het afgelopen jaar negentig vluchtelingen aan bedrijven gekoppeld. Het is een druppel op een gloeiende plaat. 

De aanvankelijke euforie over het idee dat vluchtelingen de vacatures kunnen vervullen waarvoor in Duitsland te weinig mensen zijn, is bekoeld. Duitsland heeft bijna een miljoen vacatures. Vooral in technische beroepen en de IT zit het land om vaklieden verlegen.

Abubakr Gibril (rechts) wilde liever automonteur worden Judith van de Hulsbeek / NOS

Toonaangevende mensen uit het bedrijfsleven zagen afgelopen zomer in de vluchtelingen de oplossing voor het arbeidsmarktprobleem. "Natuurlijk hebben ze niet allemaal de goede opleiding", zei Daimler-chef Dieter Zetsche. "Het wordt een Hercules-opdracht om ze in te zetten. Maar in het beste geval kunnen ze het fundament worden onder het volgende Duitse economische wonder. Zoals de gastarbeiders dat waren in de jaren 50 en 60. 

De euforie van toen heeft plaatsgemaakt voor realisme. De opleidingen sluiten vaak niet aan op de vacatures, zegt Axel Plünnecke van een economisch instituut in Keulen. "Er zijn bijvoorbeeld maar heel weinig IT’ers onder de vluchtelingen uit Syrië."

Ze zijn gevlucht en niet per se op zoek naar een baan.

Axel Plünnecke, economisch instituut in Keulen

Volgens Plünnecke was bijna twee derde van de migranten die in 2014 een vluchtelingenstatus kregen, ongeschoold. Zowel opleidingsniveau als taal en soms de motivatie zijn oorzaken dat het lang duurt voordat vluchtelingen aan de slag komen.

"Ze zijn gevlucht en niet per se op zoek naar een baan", zegt Plünnecke. "Dat is natuurlijk een groot verschil met de gastarbeiders uit de de vorige eeuw."

Geluk

Ook het Duitse arbeidsbureau denkt dat er nog een lange weg te gaan is voordat de meeste vluchtelingen werk hebben. Het bureau schat dat 10 procent na een jaar een baan heeft, na vijf jaar 50 procent en na twaalf jaar 75 procent.

Bij Arrivo hopen ze die weg drastisch te bekorten. De cursisten begrijpen dat ze een uitzondering zijn en dat ze geluk hebben met zo veel begeleiding.

Ardit Ibrahimi Judith van de Hulsbeek / NOS

Ardit Ibrahimi uit Kosovo: "Ik leer hier precies en netjes werken. Dat is wel echt een verschil met hoe het er in Kosovo aan toe gaat. Ik wilde tuinier worden, maar fietsenmaker lijkt me ook wel wat."

STER reclame