Bussemaker over onderwijsverslag

Het kabinet maakt zich er zorgen over dat niet alle leerlingen het onderwijs volgen dat bij hen past. De Inspectie voor het Onderwijs zegt in haar jaarverslag dat het verschil tussen kansarme en kansrijke kinderen toeneemt. 

Minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker benadrukken dat het Nederlandse onderwijs over de hele linie goed scoort, dat er veel hoogopgeleiden zijn en dat het onderwijsaanbod kwalitatief goed en divers is. Maar dat er verschillen in kansen zijn en dat de verschillen te maken hebben met het opleidingsniveau van de ouders noemen ze zorgelijk.

Talent en motivatie

De bewindslieden vinden het ongewenst dat leraren kinderen van laagopgeleide ouders soms onbewust een lager schooladvies geven en dat basisscholen steeds vaker maar één schooltype adviseren. Volgens de minister en staatssecretaris kunnen leerlingen hierdoor minder makkelijk boven de verwachtingen van hun omgeving uitstijgen. 

"Talent en motivatie moeten uitgangspunt zijn bij de schoolkeuze, niet het inkomen of opleidingsniveau van de ouders."

Geen makkelijke oplossing

Bussemaker en Dekker vinden het een opgave voor het hele onderwijs om de trend te keren, maar erkennen dat er geen makkelijke oplossing is, omdat veel factoren een rol spelen. Ze wijzen onder meer op de toenemende invloed van het keuzegedrag van de ouders. "Dat is op individueel niveau best te begrijpen, maar maatschappelijk gezien heeft het ongewenste effecten."

"Ook voor leraren die maar één schooltype adviseren, docenten die vasthouden aan hun schooladvies en scholen die selecteren aan de poort kunnen individueel goede redenen zijn, maar de maatschappelijke gevolgen zijn ongewenst." Bussemaker sluit niet uit dat de Citotoets toch weer belangrijker wordt. Ze wil nog niet zover gaan dat "het hoogste advies" geldt, maar het zou kunnen dat dat gaat gebeuren.

Oppositiepartijen SP, D66 en GroenLinks hekelen de gevolgen van het onderwijsbeleid van het kabinet. Volgens de SP staart staatssecretaris Dekker zich blind op excellentie. "Door zes jaar Rutte en vier jaar Dekker hangt het krijgen van een goede opleiding niet meer af van je talenten, maar van je afkomst,", zegt D66-Kamerlid Van Meenen. 

GroenLinks-Kamerlid Grashoff roept het kabinet op onnodige belemmeringen in het onderwijs aan te pakken, zoals het stimuleren van meervoudige schooladviezen. Regeringspartij PvdA heeft al een oplossing voor ogen. Scholen moeten verplicht worden hun advies bij te stellen als de Cito-toets hoger uitvalt. 

Wake-up call

De onderwijsvakbonden reageren geschokt op het rapport. De Algemene Onderwijsbond (AOb) noemt het een wake-up call. Volgens de bond moet meer nadruk worden gelegd op programma’s voor leerlingen die minder presteren op school. Ook pleiten zij voor het terugdraaien van het leenstelsel om zo alle kinderen gelijke kansen te geven.

Ook de koepelorganisaties van het basis- en voortgezet onderwijs, de PO-Raad en de VO-Raad, spreken hun zorgen uit. De PO-Raad pleit voor meer geld voor kinderen op de basisschool met een achterstand. De VO-Raad wil meer gemengde adviezen en bredere brugklassen, zodat kinderen makkelijker kunnen doorgroeien op de middelbare school. 

STER reclame