A.F.Th. van der Heijden met zijn nieuwe boek Jeroen Wielaert / NOS

Ze is een 17e-eeuwse Mata Hari, verwikkeld in seksueel dubbelspel tussen Nederland en Frankrijk: Sara, een van de hoofdpersonen in De Ochtendgave, het nieuwe boek van A.F.Th. van der Heijden. 

Het is de eerste historische roman van de schrijver die blijft werken aan zijn thematische reeksen De Tandeloze Tijd en Homo Duplex. "Het is een mooie manier om iets over de huidige tijd te vertellen en over de EU die steeds minder handen op elkaar krijgt", zegt hij.

Van der Heijden (Geldrop, 1951) werd in 2008 in Nijmegen uitgedaagd om een roman over de stad te schrijven. Hij had er gestudeerd. Onder de toenmalige burgemeester Thom de Graaf waren ze bezig met de aanloop van de 330ste verjaardag van de Vrede van Nijmegen, gesloten op 10 augustus 1678. Van der Heijden was al stevig gevorderd met het boek toen zijn zoon Tonio verongelukte. Daarna wijdde hij zich eerst aan zijn veelgeroemde requiemroman. 

Door echtgenote Mirjam Rothenstreich werd Van der Heijden eraan herinnerd dat hij nog een heel werk over die oude Nijmeegse geschiedenis in de kast had. Tot zijn eigen verbazing ontdekte hij dat hij al zover was gevorderd dat hij nog maar vijf weken nodig had voor de voltooiing. 

Inmiddels wist hij van de nasporingen die waren gedaan door de Gelderse media over het voorschot dat hij voor het werk had gekregen. Hij zegt: "Het voelde niet als een opdracht. Het was eerder dat ik op een idee werd gebracht. Ik had het geld niet nodig. Voor mij was het meer een artistieke uitdaging."

In een gelaagdheid van verhalen is alleen de titel De Ochtendgave al een en al dubbelzinnigheid. Van der Heijden legt uit: "In de Van Dale komt de betiteling 'morgengave' voor, maar ik vond 'ochtendgave' mooier klinken. Het betekent hetzelfde. Voor mij heeft het de connotatie van een ochtenderectie. Van oudsher is een morgengave het geschenk dat een bruidegom aan zijn bruid geeft aan het eind van de eerste huwelijksnacht, als hij tevreden is, in ieder geval. In mijn verhaal geeft hij nog een extra ochtendgave. De suggestie is dat dat laatste geschenk vruchtbaar is gebleken."

Rampjaar

Kern van het boek is de periode die duurt van het Rampjaar 1672, als Nederland wordt aangevallen door het Frankrijk van Zonnekoning Lodewijk XIV, tot 10 augustus 1678, de Vrede van Nijmegen. Het diplomatiek verkeer naar dat bestand is een spel van vileine diplomaten vol dubbele agenda’s. Onvermijdelijk doet het aan de hedendaagse actualiteit denken. 

Van der Heijden overpeinst: "Waarom schrijf je een historische roman? Eerder om iets over de huidige tijd te vertellen waarin hij geschreven wordt, dan over de tijd waarin de handeling speelt. Toen reden ze in koetsen door de smalle middeleeuwse straten van Nijmegen, gespannen door zes of acht paarden. Ze gaven elkaar geen duimbreed toe, terwijl ze nog in oorlog waren. Dat waren net zulke haantjes als nu, diplomaten die rondrijden in BMW's en Mercedessen."

Sara is de bespiedster van alle tijden, beseft de schrijver. "Ja, er wordt gesuggereerd dat ze bij de Fransen gespioneerd heeft voor de Nederlandse Staten-Generaal. Dat heeft ze gedaan door het hoofdkussen te delen van de Franse markies Caloyanni. Hij is een soort gezant die er in Frankrijk een beetje bij hangt, maar heel goed weet hoe hij zijn macht moet gebruiken."

Gebroeders De Witt

Zo ontvouwt zich Van der Heijdens eerste roman vol historische dramatiek en actuele parallellen. "Dat was het interessante om te schrijven, met een tragische liefdesgeschiedenis", zegt hij. "Een vrouw die zich helemaal heeft gegeven voor het vaderland aan wier activiteiten iets dubbelzinnigs blijft hangen: heeft ze ook niet onze geheimen verklapt? En welke rol speelde ze bij de moord op de gebroeders De Witt?"

De schrijver begreep dat ze in Nijmegen erg hechten aan het idee dat met de daar gesloten vrede de pijlers van het nieuwe Europa werden geslagen. "Het is niet zomaar een anekdote uit de geschiedenis van Nijmegen", legt hij uit. "Europa werd daar toen opnieuw ingedeeld, grenzen werden herijkt. Er is sindsdien nog heel veel gebeurd. Voor de huidige EU krijg je steeds minder handen op elkaar. Dat moeten toekomstige geschiedschrijvers maar uitmaken. Voor mij is de conclusie dat oorlog eeuwig is en vrede beperkt beter te illustreren in een historische roman dan in een roman over nu."

STER reclame