De Chinese economie hoort al bij de grootste ter wereld. Nu is de Chinese munt volgens het IMF ook een wereldmunt. AFP

Chinese yuan krijgt status wereldmunt

time icon

Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) erkent de Chinese yuan als belangrijke wereldmunt. Daarmee krijgt de yuan, ook wel de renminbi genoemd, dezelfde status als de Amerikaanse dollar, de Europese euro, de Britse pond en de Japanse Yen.

De Chinese regering hoopte hier al jaren op. De erkende wereldvaluta's samen zijn belangrijk voor de berekening van leningen die het IMF verstrekt aan landen.

Verder heeft de nieuwe status van de yuan vooral symbolische betekenis. Het is een erkenning van China als economische wereldmacht. Het IMF moet nu gaan bepalen in welke verhouding de Chinese munt staat tot de andere vier wereldmunten. De dollar heeft nu een gewicht van 42 procent, de euro van 38, het pond van 11 en de yen van 9 procent. Dat is grofweg een afspiegeling van hun aandeel in de wereldeconomie.

Volgens sommige berekeningen zou het Chinese aandeel ongeveer 15 procent moeten bedragen. Daarmee zou China in een klap belangrijker zijn dan Groot-Brittannië en Japan. Dat is economisch misschien wel zo, maar politiek ligt dat gevoelig. Want als de rol van China op dit gebied wordt erkend, waarom dan niet de door China fel begeerde grotere invloed op de politieke besluitvorming in het IMF en de Wereldbank?

Criteria

China voldoet aan twee criteria voor de status van wereldmunt: het Chinese aandeel in de wereldeconomie is groot genoeg en de Chinese munt wordt internationaal voldoende gebruikt. Toch zijn er ook argumenten tegen de yuan: de Chinese munt is minder vrij verhandelbaar dan de andere wereldvaluta's en bovendien heeft de Chinese overheid nog te veel invloed op de koers.

De vraag is nu welke voorwaarden het IMF nog gaat stellen aan Peking. Want de munt moet nog internationaler en vrijer worden. Daar heeft de Chinese regering nog tijd voor tot oktober volgend jaar, dan wordt de nieuwe status van de yuan pas van kracht.

Groot succes

Voor de Chinese regering is deze erkenning in elk geval een welkome opsteker. Want dit jaar waren er ook voldoende aanleidingen om te twijfelen aan het economisch wonder van China. De economische groei begint te dalen, juist op een moment dat de Chinese leiding geld nodig heeft om de economie te hervormen. Minder afhankelijkheid van export naar de rest van de wereld en meer consumptie van de Chinese burger is het devies.

De forse beurskrach eerder dit jaar heeft het vertrouwen van beleggers in China ondermijnd, net als de plotselinge devaluatie van de munt. Aan de Chinese kant is er dus volop werk aan de winkel, ook al is het internationale financiële systeem straks een beetje minder gedomineerd door de dollar.

STER Reclame