EPA

Tibet, het dak van de wereld: het is verboden terrein voor westerse journalisten. China, al tientallen jaren de baas in het gebied, laat er alleen bij hoge uitzondering journalisten toe. Deze maand werd zo'n uitzondering gemaakt en kon de NOS enkele dagen door Tibet reizen, zij het onder begeleiding. Vijf vragen aan NOS-correspondent Joeri Boom over deze bijzondere reis.

Waarom mocht je nu Tibet in?

De NOS is samen met andere mediaorganisaties uitgenodigd door de Chinese regering. Dat is de enige manier om als journalist legaal het land binnen te komen. Sinds de opstand in Tibet in 2008 tegen de Chinese aanwezigheid houdt Peking het gebied potdicht voor westerse journalisten. Journalisten die illegaal Tibet proberen binnen te komen, brengen de Tibetanen in gevaar die hun bronnen zijn. En zichzelf, maar dat is nu eenmaal onvermijdelijk in ons beroep.

Ga je in op een officiële uitnodiging van de autoriteiten, dan weet je dat je niet vrij zult kunnen waarnemen. Dat is het taaie dilemma van werken in gesloten gebieden als Tibet en Noord-Korea. In de radio- en tv-reportages die ik heb gemaakt heb ik duidelijk aangegeven dat we onder curatele stonden. En eigenlijk moet steeds bij elke vraag die ik hier beantwoord de eerste zin zijn: "We zagen vooral wat de autoriteiten ons wilden laten zien, want zij bepaalden ons programma."

Van waar de plotselinge 'openheid' van China?

China wilde onder de aandacht brengen dat de Tibetaanse Autonome Regio (TAR) vijftig jaar bestaat. De TAR vrijwel hetzelfde gebied als wat vroeger Tibet was, voordat China het gebied opdeelde en integreerde in de eigen Volksrepubliek. Het was overduidelijk dat de Chinezen wilden laten zien dat ze welvaart en ontwikkeling hebben gebracht in het gebied. Voordat Chinese troepen in 1949 Tibet binnentrokken, leefden de Tibetanen volgens China in 'abjecte armoede en slavernij'. China meent dat het Tibet heeft 'bevrijd'.

Het was overduidelijk dat de Chinezen wilden laten zien dat ze welvaart en ontwikkeling hebben gebracht in het gebied.

Joeri Boom

Veel Tibetanen denken daar anders over. Daarvoor moet je echter je oor te luisteren leggen bij Tibetanen in ballingschap. Volgens mensenrechtenorganisaties zijn er zo'n 600 Tibetaanse politieke gevangenen; mensen die Tibets autonomie propageerden en werden vastgezet. Er zijn getuigenissen van marteling. Een kritisch gesprek proberen te voeren over de Chinese aanwezigheid met een Tibetaan tijdens onze reis, zou hem waarschijnlijk in grote problemen hebben gebracht.

Waar ben je allemaal geweest en wie heb je kunnen spreken? En hoe geregisseerd was het?

We konden niet vrij reizen. We werden naar de hoofdstad Lhasa gebracht, naar de stad Shigatse en naar enkele regio's op het platteland rond die steden. Er was een strak programma met bezoeken aan bedrijven, een school en een gezin. Daarvan kon niet worden afgeweken, dat wist ik van tevoren.

Mijn doel was zo geconcentreerd mogelijk te werken. Wat wil China ons tonen? Lukt het om dat zelfstandig te bevestigen of onderuit te halen? Wat valt me op buiten het beeld dat de autoriteiten in ons brein willen planten?

Op reis in Tibet: wat China wil tonen

Wat heb je van het echte Tibet kunnen zien?

Niet meer dan een glimp. Het enige wat ik zeker weet is dat ik niet op grond van eigen waarneming kan zeggen hoe de Tibetanen er nu écht voorstaan. Wel dat de controle van de autoriteiten op wat er wordt gezegd streng is. Om je een voorbeeld te geven: het gezin dat we spraken had geen klachten. Ze waren blij met hun huis, ze konden vrijelijk hun Tibetaanse boeddhisme bedrijven en werden niet gedwongen om Chinees te spreken. Tibetanen in ballingschap in India, waar ik woon, vertellen juist dat ze bang zijn voor het verdwijnen van hun taal en cultuur en dat ze zich zorgen maken over de restricties rond boeddhistische kloosters.

De vader des huizes was lid van de partij en bleek jaren eerder al eens gecontroleerde westerse journalisten over de vloer te hebben gehad. En dan nóg zat er een Chinese begeleider bij ons gesprek. Die maakte niet alleen notities, maar nam ook stiekem het hele gesprek op met een apparaatje. Het is me gelukt dat te filmen. Het was natuurlijk een gesprek van niks. In zo'n situatie ga ik een Tibetaan niet vragen naar de dalai lama. Die leeft in ballingschap in India en mag onder geen beding serieus worden besproken door Tibetanen.

Kun je een indruk geven? Profiteert Tibet van de grote vooruitgang en de welvaart die andere delen van China hebben?

Daar lijkt het wel op, maar dat is niet het hele verhaal. China heeft inmiddels miljarden dollars in het gebied geïnvesteerd en noemt de TAR de snelst groeiende economische regio van het land. In steden als Lhasa en Shigatse verrijzen nieuwe appartementencomplexen en winkelcentra. We werden naar kleinschalige fabrieken gebracht waar het personeel er ogenschijnlijk blij en tevreden bij liep. En overal zie je hordes Chinese toeristen met volle geldbuidels. Maar het is niet duidelijk wie daar nu van profiteert. Chinese ondernemers zijn zeer actief in Tibet. Dat zie je in het straatbeeld: overal zijn Chinese bedrijven en eetgelegenheden. Veel inkomsten verdwijnen waarschijnlijk naar China.

De dames haalden dure smartphones tevoorschijn. Onze begeleiders lieten ons begaan.

Joeri Boom

En dan is er het verhaal van de Tibetaanse regering in ballingschap, die beweert dat Tibets oerbossen, goud en andere mineralen worden 'geplunderd', met grote milieuschade ten gevolg. China ontkent dat, maar we konden dat niet controleren.

Twee keer wist ik me even lost te maken van onze volgers. De eerste keer was bij vrouwen die kruiden plukten in een veld dat hoorde bij een medicinaal modelbedrijf, de trots van de begeleiders. De dames haalden dure smartphones tevoorschijn. Onze begeleiders lieten ons begaan. Maar toen onze cameraman en ik snel even een dorpje in gingen, werden we al na vijf minuten teruggehaald. De reden: we filmden een straatarm vrouwtje. Het is geen schande dat in Tibet - vroeger een van de armste landen ter wereld - nog altijd schrijnende armoede bestaat. Maar daar dachten onze begeleiders blijkbaar anders over.

STER reclame