'Grijphanden als een aap, voeten als een mens'

De hand en de voet van de nieuwe mensachtige homo naledi Peter Schmid & William Harcourt - Wits University

De mensachtige die onlangs in een Zuid-Afrikaanse grot ontdekt is had handen die hem waarschijnlijk in staat stelden goed in bomen te klimmen, en tegelijk een fijne motoriek mogelijk maakten. De voeten stelden hem in staat rechtop te lopen. 

Hij beschikte zo over een bijzondere combinatie van eigenschappen. De nieuwe gegevens over de pas ontdekte mensachtige zijn vandaag gepubliceerd in twee studies in Nature Communications. De ene gaat over de hand, de andere over de voet van de mensachtige.

Sterrenmens

De nieuwe mensachtige werd in 2013 ontdekt in de Rising Star-grotten in Zuid-Afrika, ongeveer vijftig kilometer ten noordwesten van Johannesburg. Hij wordt homo naledi genoemd, sterrenmens, een verwijzing naar de naam van de grot waar hij werd ontdekt.  

Begin vorige maand werd voor het eerst gepubliceerd over de spectaculaire vondst van 1.550 botten afkomstig van vijftien verschillende skeletten.

Voet

Aan de hand van 107 onderdelen van voeten, waaronder een goed bewaard gebleven rechtervoet van een volwassene, schrijven de auteurs van de voetstudie dat de voet van de sterrenmens grote overeenkomst vertoont met die van de moderne mens. 

Wel zijn de botjes in de tenen krommer dan die van de moderne mens. 

Hand

Voor de studie van de hand zijn bijna 150 botjes gebruikt. Daarbij was een bijna complete rechterhand van een volwassen sterrenmens, waaraan alleen een polsbeen ontbrak. De hand van de sterrenmens vertoont een volgens de onderzoekers unieke anatomische combinatie. 

De polsbeenderen en de duim hebben anatomische kenmerken die ook neanderthalers en moderne mensen hebben. Dat wijst erop dat homo naledi in staat was om met zijn handen stevig te grijpen en dat hij ook met stenen werktuigen kon omgaan.

Gereedschappen

Ook de vingerbotjes zijn meer gekromd dan die van de oudste fossielen van de moderne mens. Dat doet volgens de onderzoekers vermoeden dat de sterrenmens nog veel in bomen klom. 

Onderzoekster Tracey Kivell benadrukt dat de combinatie van anatomische mogelijkheden van de hand van homo naledi en de geringe omvang van de hersenen vragen opwerpt over het denkvermogen dat nodig is om gereedschappen te maken en te gebruiken.