Steeds meer urgente woningzoekenden krijgen voorrang

Geschreven door
Hugo van der Parre
Researchredacteur
Bas de Vries
NOS Net-redacteur
Steeds meer woningzoekenden krijgen voorrang

Niet alleen vluchtelingen maar ook steeds meer andere groepen 'urgenten' krijgen voorrang op wachtlijsten van woningcorporaties. Het gaat onder meer om mensen met een psychiatrisch verleden en om ouderen. Die moeten van het kabinet vaker zelfstandig wonen, met begeleiding aan huis.

Dat blijkt uit een onderzoek van de NOS onder de bijna 400 Nederlandse woningcorporaties. De helft van de corporaties vulde de vragenlijst in.

Het NOS-onderzoek laat zien dat bij bijna een kwart van de woningcorporaties de wachttijden oplopen, in de meeste gevallen vanwege het stijgende aantal urgenten dat moet worden gehuisvest.

“En die stijging heeft dus zeker niet alleen met de komst van meer asielzoekers te maken”, zegt Esther Clason van Haag Wonen in Den Haag. “De nieuwe aanpak in de zorg speelt ook een rol; doordat ouderen langer thuis moeten blijven wonen, is er minder doorstroming. En die ouderen moeten soms plotseling van een etage naar een gelijkvloerse woning. Die mensen kun je natuurlijk niet laten wachten.”

Leeg verzorgingshuis

En dus proberen corporaties creatieve oplossingen te bedenken om de wachttijden te drukken, zodat bijvoorbeeld starters niet volledig kansloos worden voor een sociale huurwoning. De Zuid-Hollandse gemeente Lansingerland wil het mogelijk maken voor de lokale corporatie 3B Wonen om appartementen te bouwen in een leegstaand verzorgingshuis. Die zijn niet alleen voor vluchtelingen met een verblijfsstatus, maar ook voor starters die nu lang wachten op een sociale huurwoning. In Emmen gaan de gedachten van corporatie Domesta en de gemeente onder meer naar een school en naar een ggz-vleugel van een ziekenhuis die niet meer worden gebruikt.

De asielzoekers vormen inmiddels wel het grootste deel van de urgenten, zo blijkt uit het NOS-onderzoek: 56 procent dit jaar, tegen 40 procent in 2014. Probleem met hun huisvesting is volgens de corporaties dat die naar inwonertal over de gemeenten wordt verdeeld, maar dat daarbij niet wordt gekeken wat voor woningen er precies nodig zijn. Het scheelt uiteraard of er veel gezinnen met kinderen bij zijn of juist veel alleenstaanden, die allemaal een eigen appartement nodig hebben. “Die laatste categorie woningen hebben we hier bijna niet”, vertelt Els Beukeveld van Domesta in Emmen. 

Over de schutting

Voorzitter Marc Calon van Aedes, de koepel van corporaties, zegt in een reactie dat het kabinet wel heel veel problemen "over de schutting van gemeenten kiepert". Hij voorspelt dat de wachttijden voor een sociale huurwoning in de nabije toekomst om verschillende redenen alleen maar zullen toenemen.

Minister Blok voor Wonen laat weten dat de lange wachttijden op sommige plaatsen een probleem vormen, maar benadrukt dat hij een reeks bouwmaatregelen zal nemen of al heeft genomen die ervoor moeten zorgen dat de doorstroming uit sociale huurwoningen verbetert. 

Volgens Roland van Vliet, het Tweede Kamerlid dat vorig jaar de parlementaire enquête naar de corporaties leidde, kunnen ook woningcorporaties meer doen. Er zijn in zijn beleving genoeg corporaties die financieel de ruimte hebben of leningen kunnen sluiten waarmee zij extra kunnen bouwen.  

'Weinig klachten over voorrang vluchtelingen'

Woningscorporaties spreken eens in de zoveel tijd met gemeenten af wie een urgentieverklaring krijgt en wie niet. Er zijn ook corporaties die vrijwel niemand voorrang geven. Maar de meeste willen toch iets extra’s doen voor “kwetsbare mensen”, zoals één corporatie het in het NOS-onderzoek uitdrukt, omdat zij dat als hun kerntaak beschouwen.

Gevolg is dat sommige corporaties nauwelijks nog sociale huurwoningen met een relatief lage huur beschikbaar hebben voor ‘gewone’ woningzoekenden. Een voorbeeld is Woningstichting Vaals (Zuid-Limburg), waar dit jaar naar verwachting 83 procent van de vrijkomende huizen naar mensen gaat van wie het huis gesloopt is.

Bijna eenderde van de corporaties in het NOS-onderzoek krijgt klachten over de urgentieverklaring voor erkende vluchtelingen. De andere zeggen dat ze geen klachten krijgen of geven geen antwoord op de vraag daarover. Andere groepen die voor een urgentieverklaring in aanmerking kunnen komen zijn:

- Asielzoekers met een verblijfsstatus

- Mensen met een medische indicatie

- Psychiatrische patiënten die uit een instelling komen

- Mensen die uit een blijf-van-mijn-lijfhuis komen

- Alleenstaanden met kinderen die na een scheiding veel minder geld hebben

- Ex-gevangenen

- Mensen die door brand zijn getroffen

- Andere groepen die de wethouder urgent verklaart, bijvoorbeeld gehandicapten als een instelling sluit.