'Dus de hoeveelheid maakt het bijzonder?'

De Romeinse muntschat die vanaf vandaag in Leiden is te zien, is waarschijnlijk de grootste schat uit de derde eeuw die ooit in Nederland is gevonden, zegt Paul Beliën, curator van De Nederlandsche Bank. "In totaal zijn er 169 munten gevonden. Dat is voor Nederlandse begrippen een heel behoorlijk aantal."

Dat was ook in de derde eeuw veel geld, zegt Beliën. "Voor zover wij kunnen nagaan is het twee maandlonen van een soldaat. Dat is toch een behoorlijk kapitaal." 162 van de munten zijn te zien in het Rijksmuseum van Oudheden.

 Waarom de schat in de grond is gestopt is speculeren. "Misschien was het een handelaar die zijn kapitaal veilig wilde stellen. Het was de tijd van onrust. De eerste invallen vonden plaats. We zitten hier in het noorden van het Romeinse Rijk. Er was alle reden om het geld te verbergen."

Schatzoekers

Eeuwen later kwam de schat weer boven. In 2013 gingen twee amateurarcheologen op zoek op het land van een boer in het Gelderse Buren. Van tevoren was afgesproken dat ze een eventuele schat zelf mochten houden. 

"En ja hoor, ze vonden een schat in de modder van een uitgebaggerde sloot. Ze zijn naar de boer gegaan. Hij zei: 'ik heb het beloofd, je mag de schat houden, maar ik zou wel graag drie munten uitzoeken voor mijn dochters.' Die heeft hij gekregen."

Volgens de wet moeten de eigenaar van de grond en de vinder de waarde van een vondst delen. 

Aankoop

De vinders hebben De Nederlandsche Bank gebeld. "Ze hadden het zelf kunnen houden, maar wij wilden de bijzondere schat graag aankopen voor onze collectie. De vinders wilden er wel afstand van doen."

Hoeveel de bank ervoor betaald heeft wil Beliën niet zeggen. "We hebben met de vinders afgesproken om het bedrag geheim te houden."

162 munten uit de modder in Leids Museum

STER reclame