NIOD leidt groot Holocaustproject

time icon Aangepast

Door verslaggever Pauline Broekema

Twintig instellingen uit Europese landen en Israël die de Holocaust onderzoeken, gaan samenwerken onder leiding van het NIOD, het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie in Amsterdam.

De instellingen gaan hun archieven en onderzoeksmateriaal over de Holocaust samenbrengen en beter toegankelijk maken. Vooral in Oost-Europa zijn veel archieven nog weinig toegankelijk.

Beschikbaar

"Het doel is om het vele Holocaust-materiaal dat op heel veel verschillende plaatsen ligt, voor heel veel meer mensen dan nu, binnen bereik en beschikbaar te maken", legt Conny Kristel, projectdirecteur bij het NIOD, uit.

"Het gaat hierbij bijvoorbeeld om fotocollecties, dagboeken van particulieren en archieven van Joodse organisaties die hebben geprobeerd Joden bij te staan of laten vluchten. Maar ook om documenten van het vervolgingsapparaat, van de nazi's."

Brussel

De Europese Unie steunt het project met een bedrag van zeven miljoen euro. Het EHRI-project wordt dinsdag in Brussel ingeluid in aanwezigheid van de Israëlische minister van Onderwijs en de Nederlandse staatssecretaris van Onderwijs, de VVD'er Halbe Zijlstra.

Oost-Europa

Er zal zich zeker nieuw onderzoeksmateriaal aandienen, denkt projectleider Conny Kristel. Met name in Oost-Europese archieven ligt veel nog onontsloten materiaal. "Voor ons in West-Europa is de geschiedenis van de Holocaust vaak die van de gaskamers. Vergeten worden de moorden in 1940 en 1941, waarbij honderdduizenden Joden met de kogel om het leven werden gebracht en hele dorpen werden uitgemoord."

Het EHRI-project zal onder andere workshops organiseren over thema's als onderzoek naar foto's en films. Specialisten, zoals René Kok van het NIOD, zullen lessen geven waarbij onderzoekers leren onderscheid te maken tussen materiaal dat uit propagandaoogpunt werd gemaakt en clandestien gemaakte foto's en films.

De praktijk

Onderzoekster Petra Links weet uit ervaring hoe belangrijk het is de weg te weten in de verschillende archieven en instituten. Zij doet onderzoek naar de Tsjechische letterkundige H.G. Adler, auteur van ondermeer het standaardwerk over wat in de nazi-ideologie het 'modelkamp' Theresienstadt moest zijn.

Adler, bevriend met oud-NIOD-directeur Loe de Jong (1914-2005), schonk een deel van zijn archief aan het NIOD. Hij zat zelf gevangen in Theresienstadt. Al tijdens zijn kamptijd verzamelde hij materiaal.

Rabbijn

In Theresienstadt gaf hij het materiaal in bewaring bij een rabbijn, die het wist te redden. De collectie bevat ondermeer kindertekeningen en aantekeningen van componist Viktor Ullmann. Die maakte in Theresienstadt de later zo beroemd geworden opera 'Der Kaiser von Atlantis'. Hij heeft zijn stuk zelf nooit opgevoerd zien worden. Ullmann werd gedeporteerd naar Auschwitz en werd daar in 1944 vermoord.

"Je moet maar weten dat Adler goed bevriend was met De Jong en dat je zo bij het NIOD terecht kunt komen", zegt Petra Links. "Dan tref je bijvoorbeeld een verslag van Ullmann die een muziekuitvoering door kinderen beschrijft. Dat het hem een genoegen was om zijn eigen werk te horen."

'Sneller de weg vinden'

Met het EHRI-project zal een onderzoeker sneller de weg vinden, is de verwachting. 

Conny Kristel denkt dat het project het onderzoek naar de Holocaust voortzet voor komende generaties en bovendien een stimulans is voor andere archieven om documenten en ander materiaal te digitaliseren en toegankelijk te maken.

STER Reclame