NIOD: landsadvocaat Tweede Wereldoorlog was fout

Aangepast

Door redacteur Merlijn Stoffels

De Landsadvocaat die tijdens de Tweede Wereldoorlog voor de Nederlandse overheid werkte, had zoveel sympathie voor de Duitsers dat hij daarna onslagen had moeten worden. Dat blijkt uit onderzoek van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) naar de rol van advocaten in de Tweede Wereldoorlog.

Uit het onderzoek blijkt ook dat advocaten in de oorlog het leven van minstens duizend Joden hebben gered.

Na de bezetting door de Duitsers kwamen er niet alleen naziwetten, maar ook Duitse rechtbanken. De Nederlandse advocaten conformeerden zich hieraan, blijkt uit het onderzoek van het NIOD. Voor geen enkele advocaat was de Duitse overheersing reden om te stoppen met zijn vak.

Toetsing

Wel werd het werk van de advocaten na de bezetting door de Duitsers veel moeilijker, zo niet onmogelijk. Een voorbeeld daarvan was, volgens NIOD-onderzoeker Joggli Meihuizen, dat advocaten niet meer mochten toetsen aan het volkenrecht. Beroep tegen het Duitse rechtssysteem was daardoor niet mogelijk.

Pleiten voor een lagere straf was de enige optie voor advocaten. Ze hielpen hun cliënten verder door sigaretten en eten de gevangenis binnen te smokkelen. Vrienden of familie konden dit niet doen, want een bezoekregeling bestond in de oorlog niet.

Onderduikadressen

Een groep van minimaal honderd advocaten ging nog een stapje verder, zo blijkt uit het NIOD-rapport. Zij hielpen de Joden door ze op papier te 'ontjoden'. De strafpleiters deden dat door stambomen te vervalsen, of door verklaringen op te stellen waarin stond dat kinderen tijdens een slippertje waren verwekt en dus niet Joods waren.

Sommige advocaten regelden ook onderduikadressen voor hun cliënten. Meihuizen is tijdens zijn onderzoek op honderden brieven gestuit van advocaten die probeerde om Joden uit een kamp in Barneveld in hotel De Schaffelaar te krijgen. Daar was het regime veel soepeler.

Overleefd

Alle Joden die naar het hotel zijn overgeplaatst, hebben de oorlog overleefd. Door deze 'goede' advocaten zijn volgens het NIOD minstens duizend joden aan de concentratiekampen ontkomen.

Er waren ook 'foute' advocaten. Zo waren er strafpleiters die collaboreerden met het Duitse regime en zich zelfs aansloten bij de NSB of de Waffen-SS. Het NIOD-onderzoek spreekt van zo'n negentig advocaten die dat deden. Na de oorlog werden zestig van hen uit hun ambt gezet door de zogeheten zuiveringscommissie.

Nauwe banden

Iemand die ontkwam aan de zuivering was de landsadvocaat Gerrit Willem van der Does, de advocaat van de Nederlandse regering. Onterecht, stelt Meihuizen. Uit zijn onderzoek blijkt namelijk dat de landsadvocaat hele nauwe banden onderhield met de nazi's.

Tot nu toe was alleen bekend dat Van der Does lid is geweest van het Nationaal Front. Volgens de landsadvocaat moest hij dit doen omdat hij een Joodse vrouw had. Hij had geen keus, stelde hij. Maar uit het nieuwe NIOD-onderzoek blijkt dat het niet bleef bij dit omstreden lidmaatschap.

Sympathie

Van der Does maakt ook een verkiezingsbrochure voor de NSB en schreef expliciet dat hij sympathie voelde voor die beweging. Daarbij verzette hij zich in een advocatenblad tegen de komst van Joodse advocaten uit Duitsland naar Nederland.

Hij noemde de Joodse advocaten "uitgekotste figuren" en "kaf". Desondanks besloot zijn toenmalige baas, minister van Financiën Piet Lieftinck, na de Tweede Wereldoorlog dat Van der Does gewoon aan kon blijven als landsadvocaat. Hij sloeg daarbij het advies van twee commissies in de wind, die vonden dat hij ontslagen moest worden.

Opvallend

Die adviezen, die nooit eerder in de openbaarheid zijn gekomen, zijn volgens Meihuizen vooral opvallend omdat het daardoor nog onbegrijpelijker is dat de landsadvocaat na de oorlog gewoon door mocht gaan met zijn werk.

Ook de advocaten zelf hebben steken laten vallen, vindt Meihuizen. Zo ging de beroepsgroep ging niet in protest toen de 200 Joodse advocaten een beroepsverbod kregen van de Duitsers. De reden was dat de advocaten bang waren dat de Joodse advocaten een totaal beroepsverbod zouden krijgen, dus ook geen Joden meer zouden mogen bijstaan.

Foute beslissing

Volgens Meihuizen was dat een foute beslissing. Hij noemt het "de plicht van advocaten om te blijven strijden om de rechtsstaat overeind te houden". Ook Jan Loorbach van de Orde van Advocaten is niet blij mee met die onderzoeksconclusie. Wat hem vooral steekt, is dat advocaten uit concurrentieoverwegingen erop tegen waren dat de Joodse collega's uit Duitsland naar Nederland zouden komen.

Morgen wordt het NIOD-onderzoek als boek met de naam 'Smalle marges' officieel gepresenteerd in Den Haag.

STER Reclame