EU helpt Haïti met 420 miljoen euro

Aangepast

De landen van de Europese Unie hebben beloofd 420 miljoen euro uit te trekken voor de wederopbouw van Haïti. Ook overwegen zij een internationale donorconferentie te organiseren.

Volgende week maandag komen donorlanden in Montreal bijeen om te praten over de wederopbouw van Haïti. Onder anderen de premier van Haïti en de Amerikaanse minister Clinton wonen de conferentie bij.

Het Wereld Voedselprogramma wil over twee weken de capaciteit hebben om één miljoen mensen eten te geven, een aantal dat over een maand moet zijn verdubbeld. In Haïti hebben zo'n 3,5 miljoen mensen hulp nodig.

Weggestuurd De al aanwezige Amerikaanse troepen hebben in aanvulling op het vliegveld een nieuw steunpunt opgezet. Daar kunnen zij hulpgoederen ontvangen die worden gebracht door helikopters. Daardoor wordt de druk iets weggenomen van het vliegveld, waar slechts een landingsbaan beschikbaar is.

De druk op het beschadigde vliegveld is nu zo hoog dat al vijftig van de 650 vluchten zijn weggestuurd. Een van de vliegtuigen die werd weggestuurd was van Médecins Sans Frontières en had een opblaasbaar veldhospitaal aan boord.

Het wegsturen van het vliegtuig riep een boze reactie op van de Franse minister Alain Joyandet. Bernard Kouchner, de minister van Buitenlandse Zaken van Frankrijk, probeerde de vrede te bewaren, maar Joyandet hield vol en zei over de Amerikaanse dominantie: "Dit gaat over het helpen van Haïti, niet over het bezetten ervan". Zowel Frankrijk als Amerika hebben het ooit voor het zeggen gehad in Haïti.

Noodtoestand De Oak, een schip van de Amerikaanse kustwacht, is in Haïti aangekomen en zal met grote kranen en andere apparatuur de beschadigde haven van Port-au-Prince gaan herstellen.

Vijf dagen na de beving heeft de regering de noodtoestand uitgeroepen. Veel Haïtianen vinden dat de politiek nauwelijks in actie komt en traag is. De hulpverlening verloopt nog steeds moeizaam en de woede daarover neemt toe. Ook is niet iedereen het eens met de volgorde van de hulpverlening: eerst veiligheid, dan voedsel.

"We hebben geen militaire hulp nodig. Wat we nodig hebben is voedsel en opvang", schreeuwde een man naar VN-secretaris Ban Ki-moon, die zondag Haïti bezocht.

Ban bezocht in Haïti als eerste het ingestorte VN-hoofdkwartier. Stafleden van de VN-secretaris huilden bij het zien van de chaos en rouwden om hun 330 vermiste en 37 overleden collega's. Op het moment van de aardbeving waren er 3000 VN-vredessoldaten in en rond Port-au-Prince. In het gebouw zitten 30 medewerkers vast van wie het onbekend is hoeveel er nog in leven zijn. Een kwartier na het vertrek van Ban werd een Deense VN-medewerker levend gevonden onder het puin van het ingestorte VN-hoofdkwartier.

Ban noemde de situatie in Haïti "een van de ernstigste humanitaire crises in tientallen jaren".

Overleven  De Deense VN-medewerker is een van de 70 mensen die zijn gered. Gisteren werden nog een 30-jarige man en een 40-jarige vrouw uit een ingestorte supermarkt gered. Zij hadden zich in leven kunnen houden met voedsel dat tussen de brokstukken lag.

Ook werd een 16-jarig meisje levend gevonden in wat over was van een klein hotel van twee verdiepingen in de hoofdstad. Volgens VN-woordvoerder Elisabeth Byrs is het mogelijk dat mensen tot ook vandaag nog, zes dagen na de aardbeving, levend kunnen worden gevonden.

STER Reclame