De Iraanse oppositieleider Mir Hossein Mousavi heeft zijn aanhang opgeroepen om op 4 november, aanstaande woensdag, te gaan demonstreren. Dan is het precies dertig jaar geleden dat Iraanse studenten de Amerikaanse ambassade in Teheran bezetten voor een gijzeling van 52 Amerikanen die uiteindelijk 444 dagen zou duren.
De amabassadebezetting wordt jaarlijks uitgebreid herdacht in Iran. Massabetogingen worden toegestaan door de regering. Maar dit jaar hebben de ordetroepen de oppositie al gewaarschuwd geen betogingen te houden.
Mousavi wil de herdenking aangrijpen om weer te protesteren tegen de omstreden uitslag van de presidentsverkiezingen van afgelopen juni. Die gaven de zittende president Ahmadinejad een ruime meerderheid, maar de oppositie zegt dat er is gefraudeerd.
Vorige maand liep een soortgelijke 'officiële' herdenking (Al Quds Dag, een jaarlijkse dag waarop Iran solidariteit betuigt met de Palestijnen) uit op rellen tussen de politie en aanhangers van de oppositie.
Confrontaties
Gevreesd wordt dat het woensdag ook weer tot confrontaties komt, te meer omdat Mousavi's oproep ongekend fel was. Hij sprak van een "samenzijn waarbij we ons opnieuw zullen herinneren dat de macht bij het volk ligt. Vroeger of later... zullen de tegenstanders van het volk het toneel verlaten. Maar betekent dat dat er dan voor ons een vernietigd land achterblijft?"
Na de verkiezingen van 12 juni gingen honderdduizenden Iraniërs de straat op om te betogen de verkiezingsuitslag. De ordetroepen grepen hard in. Na enkele weken verstomden de straatprotesten.
De laatste weken is het op een enkel incident na vrij rustig in de straten van de Iraanse grote steden.
Tegen zo'n honderd mensen - de meesten aanhangers van de oppositie - lopen rechtszaken wegens het opstoken van onrust in Iran. De oppositie heeft het over "schijnprocessen".
Bij de ongeregeldheden sinds juni zijn volgens mensenrechtenorganisaties meer dan honderd mensen omgekomen. De Iraanse regering houdt het op iets meer dan dertig.

»
»
»