President Obama pakt de bonussen aan bij ondernemingen die sinds vorig jaar veel staatssteun hebben gekregen.
Het gaat onder meer om General Motors, Citigroup, verzekeraar AIG en Chrysler. De basissalarissen in de top van de bedrijven worden fors verlaagd. De beloning zal voortaan vooral bestaan uit aandelen die pas later kunnen worden verzilverd.
Eerder dit jaar droeg het Amerikaanse Congres het ministerie van Financiën op om de bonussen aan banden te leggen van bedrijven die met geld van de overheid zijn geholpen.
Privévliegtuigjes
De regeling wordt binnenkort officiëel bekendgemaakt, maar is al uitgelekt en niet weersproken door het Witte Huis. De betrokken ondernemingen hebben nog niet gereageerd.
Voor de hoge functionarissen betekent de nieuwe regeling een forse stap achteruit. In een bedrijf als AIG, waar tot voor kort aan het einde van het jaar vele miljoenen in de top werden verdeeld, verdient vanaf nu niemand meer dan 200.000 dollar.
Ook voordeeltjes als het lidmaatschap van de country club en de aanschaf van privévliegtuigen, zijn niet meer vanzelfsprekend.
Gevreesd
De maatregel van Obama betekent niet dat de bonuscultuur in het Amerikaanse bedrijfsleven helemaal wordt aangepakt. Bedrijven die geen staatssteun hebben gekregen, vallen niet onder de nieuwe regeling.
Zelfs ondernemingen als Goldman Sachs en JP Morgan Chase ontspringen de dans. Die hebben miljarden dollars overheidssteun gekregen, maar hebben dat inmiddels terugbetaald.
In de VS wordt gevreesd dat bedrijven die hun bonusbeleid moeten versoberen, het moeilijk krijgen om toptalent te behouden of aan te trekken.
Deel deze pagina