Door eindredacteur Piet van Asseldonk
De monarchale turbulentie in ons land lijkt voorbij. De krachtige verdediging in de Tweede Kamer door premier Balkenende van koningschap en koninklijke familie heeft zijn doel niet gemist.
Maar wie denkt dat de monarchie weer in rustig vaarwater is gekomen en wederom kan rekenen op de sympathie van een grote meerderheid van het volk, die zou het wel eens lelijk mis kunnen hebben.
Er is iets fundamenteels aan het veranderen in de eeuwenoude band tussen Oranje en Nederland, doordat zowel de Oranjes als de Nederlanders veranderd zijn. De Koninklijke Familie is van het volk aan het vervreemden en kan niet langer meer blindelings rekenen op het vertrouwen van z'n onderdanen.
De bestuurlijke elite in ons land inclusief veel politici heeft altijd reserves gekoesterd tegenover het koningshuis. De band tussen bestuurders en koning(inn)en is vaak getekend geweest door incidenten en door wrevel over en weer.
Affaires
Maar als het erop aankwam, was het tot nu toe telkens het volk dat de Oranjes tegenover de bestuurders in bescherming nam.
Zelfs ten tijde van spraakmakende affaires zoals de nauwelijks verholen afkeer van Wilhelmina van de democratie en de Greet Hofmans-affaire rond Juliana kozen politici van links tot rechts, met het oog op de stembus, steeds eieren voor hun geld en betuigden ze hun trouw aan de monarchie.
Dat beeld is aan het kantelen. Nu verdedigen politici de Oranjes tegenover een groeiende kritiek op vorst en monarchie. Gelet op de geringe standvastigheid van politici - verkiezingen spelen altijd een rol - is het maar de vraag hoe lang dat zal duren.
Elitair
De kernreden waarom de niet langer zwijgende meerderheid van het Nederlandse volk en de Oranjes uit elkaar aan het groeien zijn, is dat de huidige leden van de koninklijke familie een steeds uitgesprokener elitair imago krijgen.
Het volk is juist sinds de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw in de ban geraakt van sterke egalitaire reflexen en populistische, nationalistische en anti-multiculturele sentimenten.
Autoriteiten, ook koninklijke, moeten zich tegenwoordig van dag op dag opnieuw bewijzen en er voortdurend op bedacht zijn om de sympathie van de snel wisselende publieke opinie niet te verspelen.
Rubber laarzen
Koningin Beatrix kan intussen door schade en schande wijs geworden weten dat ze bij haar volk eerder warme gevoelens en aanhankelijkheid oproept als ze in rubberen laarzen een door wateroverlast getroffen Limburgs gezin bezoekt, dan wanneer ze een doortimmerd betoog houdt voor het Europees Parlement.
Prins Claus werd verguisd toen hij heldere standpunten over ontwikkelingssamenwerking innam en bejubeld toen hij openlijk over zijn depressiviteit vertelde.
Willem-Alexander wordt eerder populair als we te zien krijgen hoe hij zijn kinderen op hun eerste schooldag begeleidt, dan wanneer hij een internationale waterconferentie toespreekt of optreedt als lid van het Internationaal Olympisch Comité.
Geloofwaardigheid
De kroonprins en prinses Máxima zullen zich graag of niet moeten realiseren dat ze niet echt geliefd worden door zichtbaar onderdeel te zijn van de internationale jet set.
Als Máxima als speciale gezant op financieel gebied samen met VN-baas Ban Ki-moon poseert in New York en Willem-Alexander samen met (andere) superrijken een strandvilla in Mozambique koopt, gaan weinig Nederlandse harten sneller kloppen, om het maar voorzichtig te zeggen.
Te meer niet omdat er tussen microkrediet en strandvilla ook nog eens fikse geloofwaardigheidskloof gaapt.
Omwille van de volksgunst zullen het kroonprinselijk paar en hun kinderen figuurlijk gesproken vaker de fiets moeten pakken in plaats van het gratis regeringsvliegtuig en zich zonder morren in Volendam of elders op klompen moeten laten fotograferen. En een omstreden mediacode hoe onschuldig op zich ook helpt daar niet echt bij.
Zweeds model
Staat nu ineens en op korte termijn de monarchie op het spel? Neen. De steun voor een uitgekleed ceremonieel koningschap naar Zweeds model wint weliswaar in politiek Den Haag terrein, maar de invoering daarvan vergt een jaren durende grondwetswijziging. En daarvoor is een tweederde meerderheid in het parlement noodzakelijk.
En de politiek, tegelijkertijd geconfronteerd met een kredietcrisis, een klimaatcrisis en een voedselcrisis, heeft voorlopig wel iets anders aan het hoofd.

»
»
»