Wie was Karst Tates?

Om een beeld te krijgen van de persoon Karst Tates heeft het Pieter Baan Centrum gesproken met mensen uit zijn omgeving. Daaruit kwam naar voren dat de 38-jarige aanslagpleger een geïsoleerd persoon was, die nauwelijks van de telefoon gebruikmaakte en geen computer had.

Op de basischool was Karst Tates een gewone jongen, staat in het rapport van de Nationale Recherche op basis van de gegevens van het Pieter Baan Centrum. Na de middelbare school ging het minder met hem. Hij gebruikte drugs, had weinig vrienden en belde nauwelijks. Hij had wel contact met zijn familie.

Baantjes
Eind jaren 90 was Tates een tijdje dakloos. Hij raapte zich bijeen, kreeg baantjes bij een benzinepomp en een distributie-centrum. Daar vertrok hij in 2008 zonder reden.

In maart werd Tates door de politie in zijn auto aangetroffen op een parkeerplaats. Hij stond daar drie dagen, nadat hij zijn tank had leeggereden. Hij zou flink in de war zijn geweest.

Karst Tates loog tegen zijn familie over het hebben van een nieuwe baan, en ondertussen zegde hij de huur op van zijn woning in Huissen, concludeerde het Pieter Baan Centrum. Een uitkering vroeg hij niet aan, hij teerde op zijn spaargeld.

'Normale indruk'
Tates maakte in de dagen voor de aanslag een normale indruk. Hij belde op 29 april nog met zijn moeder, die jarig was.

Over het motief van de aanslag is niks bekend. Hij had geen uitgesproken hekel aan het Koninklijk huis, maar vond de familie wel geldverspilling.

"De conclusie is dat Tates waarschijnlijk niet een bepaalde levensbeschouwing of ideologie aanhing die voor hem als inspiratiebron of legitimatie diende voor een aanslag."

Familie en vrienden typeren Tates als antiburgerlijk en anti-alles. Documenten, boeken, aantekeningen en tatoeages suggereren wel dat hij affiniteit had met rechts-radicale ideeën. Zo verdiepte Tates zich in de oude Noordse volkeren en in het runenschrift. Ook las hij werken van Nietzsche en Celine, maar ook heel andere dingen, aldus het rapport.

Gedrag op Koninginnedag
Op Koninginnedag was Tates 's ochtends al in de buurt van de Naald geweest. Hij had er volgens getuigen een tijdje rondgelopen en had daar onder meer kunnen zien dat dranghekken het publiek van de straat hielden. Vervolgens liep hij naar zijn iets verderop geparkeerde auto.

Daar sprak hij ogenschijnlijk rustig nog met enkele voorbijgangers, onder meer over zijn auto. Daarna reed hij weg.

Op het moment van de aanslag had hij een verrekijker, een kapotte autoradio en een programmaboekje over Koninginnedag bij zich in de auto. Volgens de politie had Tates niet kunnen weten dat er inmiddels publiek op de kruising met de Jachtlaan was gaan staan, maar deed hij ook niks om hen te vermijden toen hij daar tijdens zijn dodemansrit achter kwam.

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio