Vorig jaar kwam nog het andere wereldberoemde Russische balletgezelschap Bolshoi naar Nederland, dit jaar doet het Mariinski Ballet ons land aan. Vandaag opent Mariinsky met de balletvoorstelling Romeo en Julia een reeks optredens in Carré.
De groep uit Sint Petersburg begon ooit als het keizerlijke ballet. In de communistische tijd droeg het de naam Kirov Ballet en hun thuisbasis heette toen nog Leningrad.
Na de val van het communisme werd de naam van het gezelschap, net als die van de stad, uit de tijd van de tsaren weer in ere hersteld.
Het Mariinski Theater behoort al decennialang tot de onbetwiste klassiek ballettop. Zo schreef de New York Times na een recent optreden in de New York Metropolitan Opera dat "de kracht van de harmonie en gratie van het gezelschap bijna een hypnotische perfectie bereikt".
Onbetwiste top
De Londense Daily Telegraph noemde de groep "onbetwist het beste klassieke balletgezelschap ter wereld". Die bewering komt niet uit de lucht vallen; vrijwel alles wat nu wordt beschouwd als ballet is in hoge mate door het Mariinsky bepaald.
De Grote Drie balletklassiekers: het Zwanenmeer, de Schone Slaapster en de Notenkraker kwamen bij Mariinsky tot stand. Ook vrijwel iedere danser die beroemd genoeg werd om zich in het collectieve culturele geheugen van balletliefhebbers te nestelen werd er gevormd en startte er zijn of haar carrière.
Russische armen
Het is dan ook verleidelijk om een vergelijking met die andere Russische ballet-grootheid, Bolsjoi, aan te gaan, maar de maestro van het Mariinsky, Valery Gergjev, is duidelijk: "Bolsjoi en Mariinsky zijn de beide armen van de Russische cultuur."
De Bolsjoi-arm explosief en acrobatisch, waar de Kirov-arm gracieus is. Maar hoe verschillend ze zijn, volgens Gergjev verdienen de twee balletgezelschappen evenveel respect.
Afscheid
Nederlandse balletliefhebbers kunnen nog tot en met 1 augustus genieten van de elegante bewegingen van het Mariinsky. Vanaf vandaag voeren de 250 dansers nog de uitvoeringen Romeo en Julia, het Zwanenmeer, de Schone Slaapster en Don Quichotte ten tonele onder muzikale begeleiding van hun eigen symfonieorkest.
Daarna neemt het gezelschap afscheid van Carré om daarna naar Londen te vliegen om in het Royal Opera House Covent Garden te dansen.
Deel deze pagina
»
»
»