Een Frans marineschip heeft nog zes lichamen gevonden van passagiers van het op de Atlantische Oceaan gecrashte Airbus-toestel. Hiermee komt het aantal geborgen lijken op vijftig.
Het zoeken naar lichamen en wrakstukken wordt bemoeilijkt door het slechte weer op de rampplek. Door regen hebben schepen er maar beperkt zicht en kan er door wolken niet optimaal gebruik gemaakt worden van satellieten.
Ook is het water met 28 graden erg warm, waardoor de lijken snel ontbinden. Als de lucht uit het lichaam is ontsnapt, zullen de lichamen naar de zeebodem zakken.
Eind aan zoektocht
De onderzoekers hebben daarom ook voor het eerst gesproken over hoe lang zoekactie nog zin heeft. Vanaf maandag komen de reddingswerkers om de twee dagen bijeen om de situatie te evalueren. 25 juni geldt voorlopig als de laatste dag om te zoeken.
Het toestel van Air France verongelukte bijna twee weken geleden met 228 mensen een boord. De oorzaak is nog altijd niet bekend, omdat de recorders met de vluchtgegevens nog niet zijn gevonden.
Morgen komt een Amerikaans schip aan in de regio dat specifiek op zoek gaat naar de zwarte doos. Die zendt een maand lang een signaal uit om het zoeken te vergemakkelijken. Sinds woensdag zijn er al twee Nederlandse schepen op zoek. De sleepboten van Fairmount Marine zijn uitgerust met Amerikaanse radarapparatuur.
Brokstukken
Inmiddels zijn de eerste brokstukken aan land gebracht in Brazilië. Het gaat om twee vliegtuigstoelen, wat mondkapjes en delen van de romp, soms niet groter dan een hand. Zo lang de vluchtrecorder niet is terug gevonden, zullen die delen worden gebruikt voor onderzoek.
Dat de lichamen en brokstukken over zo'n groot gebied zijn verspreid, kan betekenen dat het vliegtuig op grote hoogte uiteen is gevallen, maar het kan ook veroorzaakt worden door de stromingen in de oceaan.
De autoriteiten zullen daarom ook de lijken bestuderen in hun onderzoek: de zitplaats van de passagiers en verwondingen aan de lichamen zouden aanwijzingen kunnen opleveren over wat er gebeurd is.
Deel deze pagina
»
»
»