Acteur en toneelregisseur Ton Lutz is in Amsterdam overleden op 89-jarige leeftijd. Hij is de oudste van de drie acterende broers Lutz en de oom van de acteur Joris Lutz. Ton Lutz werd de nestor van het vaderlandse toneel genoemd, hij was lange tijd één van de belangrijkste artistieke leiders.
Antonius Cornelis Lutz werd op 17 juni 1919 in Delft geboren. Hij was de oudste van acht kinderen in een katholiek gezin. Vader was werkzaam als vertegenwoordiger bij een sigarettenfabriek annex importfirma.
Lutz kreeg het optreden met de paplepel ingegoten: tussen de schuifdeuren werd regelmatig muziek gemaakt en gespeeld. Lutz begon zijn werkbare leven als journalist bij de Nieuwe Delftsche Courant. Zijn loopbaan werd in de kiem gesmoord toen hij moest stoppen omdat hij in 1941 weigerde lid te worden van het Persgilde van de Kultuurkamer.
De oorlog zat hem nog meer dwars want in 1944 moest hij onderduiken en zijn opleiding aan de Toneelschool noodgedwongen afbreken. De Duitsers wisten hem in dat jaar uiteindelijk toch te pakken en gooiden hem in Groningen in een gevangenis waar hij tot het einde van de oorlog verbleef.
Een Bruid in de morgen
Op voorspraak van Johan de Meester ging hij in 1945 aan de slag bij het Residentie Toneel. Na het Nederlands Volkstoneel, Toneelgroep Comedia en de Nederlandse Comedie werd hij in 1955 artistiek directeur van het Rotterdams Toneel waar hij onder andere indruk maakte met Een bruid in de morgen, een stuk van Hugo Claus dat hij naar Nederland haalde.
Zijn baan bij het Rotterdams Toneel was de eerste van vier leidinggevende functies die hij zou bekleden. Hij werd in 1962 artistiek leider van de Nederlandse Comedie. Zes jaar later richtte hij Toneelgroep Globe op waar hij tot 1975 artistiek directeur bleef. Daarna was hij negen jaar artistiek leider van het Publiekstheater in Amsterdam, naast Hans Croiset.
Met een feest in de Amsterdamse Stadsschouwburg ging hij in 1984 officieel met pensioen, hoewel hij daar zelf niets van wilde weten.
Bekroond
Ton Lutz, die Cor Hermus en Peter Sjarof als zijn leermeesters zag, werd in zijn carrière meermalen bekroond. Tweemaal, in 1968 en 1983, ontving hij de Louis d'Or voor respectievelijk De architect en de keizer van Assyrië en Über Gipfeln is Ruh. In 1967 ontving hij de Albert van Dalsumprijs voor Thyestes. In 1984 werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau.
Behalve toneel, hield Lutz zich ook bezig met film en televisie. Zo acteerde hij in Fanfare van Bert Haanstra. Op tv was hij te zien in series bij onder andere de KRO, VARA en de toenmalige NTS.

»