Het bestuur van de gezamenlijke verenigingen van oud-verzetstrijders heft zichzelf op. Er zijn te weinig leden om de organisatie in stand te houden.
De Nationale Federatieve Raad van het Voormalig Verzet (NFR) stopt er over ruim een jaar mee, vlak na de 65ste herdenking van de bevrijding. Eerder werden al twaalf lokale afdelingen gesloten.
De gemiddelde leeftijd van de leden is 89. "We zijn een uitstervend ras", zegt een bestuurslid in het Nederlands Dagblad.
Zo lang mogelijk
Voorzitter Wim de Bruijn, zelf 87, zegt in Trouw opgelucht te zijn. "Als we dit niet gedaan zouden hebben, zou de NFR een stille dood zijn gestorven en dat is niet netjes."
Een verpleeghuis waar veel veteranen wonen, neemt de administratie over. Die zorgt ook voor de jaarlijkse reünie en voor het blad van het voormalig verzet. De plaatselijke verenigingen willen zo lang mogelijk doorgaan.
In de periode vlak na de Tweede Wereldoorlog had de NFR veel invloed in de Nederlandse politiek. De raad adviseerde de regering onder andere over uitkeringen voor nabestaanden en oud-verzetstrijders, maar ook hadden ze inspraak in de viering van Bevrijdingsdag.
De Nationale Federatieve Raad van het Voormalig Verzet werd opgericht in december 1947 om de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog en het verzet levend houden.
Deel deze pagina
»
»
»