Gevangenisdorp Veenhuizen in Drenthe is kandidaat gesteld voor de werelderfgoedlijst van de Verenigde Naties. De provincie en de gemeente vinden dat het dorp zo uniek is dat het op die lijst thuishoort.
Door verslaggever Rienk Kamer
"Arbeid is zegen". Het staat op één van de woonhuizen in Veenhuizen. Zouden de duizenden armen, daklozen, landlopers en criminelen die er sinds 1823, eerst vrijwillig, later gedwongen woonden, er ook zo over hebben gedacht?
De situatie in het Veenhuizen van de negentiende en begin twintigste eeuw was slecht, lees ik in het boek "Het pauperparadijs", van Suzanna Jansen, waarin ze schrijft over familieleden die in de armenkolonie Veenhuizen woonden.
Ze schrijft bijvoorbeeld:
"De kolonie had de twijfelachtige eer de naamgever te zijn van een venijnige oogziekte: de Trachoma Veenhuizianum. De 'Veenhuizensche oogziekte' was een chronische kwaal die gepaard ging met de 'hevigste pijn' en die op den duur tot volledige blindheid kon leiden. In een bepaalde periode had maar liefst één op de drie wezen eraan geleden. De situatie was zó ernstig dat het gouvernement twee bekende oogheelkundigen onderzoek liet doen. Ze rapporteerden dat er in de kolonie 'in hooge mate gebrek aan drink- en waschwater' was. 'Het water dat wij te Veenhuizen met weerzin terugwezen, toen het ons werd aangeboden, om er onze handen in te wasschen, is hetzelfde waarin dagelijks het middagmaal der bewoners wordt gekookt'.
Dat is nu gelukkig- wel anders. In het voormalige hospitaal, waar ongetwijfeld veel zieken hebben gelegen, krijg ik nu een heerlijke kop koffie en zit ik in luxe loungestoelen. Het wordt een hotel, morgen moet het voor het eerst open gaan en er wordt om ons heen nog druk getimmerd, geboord en schoongemaakt.
De eigenaar, die tien jaar geleden in Veenhuizen neerstreek, is er trots op dat het oude ziekenhuis, dat uit drie gebouwen bestaat en op instorten stond, nu een nieuwe bestemming heeft gekregen. En hij hoopt dat het dorp het stempel 'werelderfgoed' krijgt, het zal hem vast en zeker meer hotelgasten opleveren
Niet alleen in en om het voormalige ziekenhuis is er bedrijvigheid, overal in het dorp wordt gewerkt. Burgemeester Hans van der Laan vertelt dat er inmiddels zo'n vijftig miljoen euro is gestoken in de renovatie van de oude gebouwen. En dat er nog eens ongeveer dertig miljoen euro nodig is om alles in goede staat terug te brengen.
En dat is uiteraard een voorwaarde om voor plaatsing op de UNESCO-werelderfgoedlijst terecht te komen. Vandaag hopen gemeente en provincie een eerste stap in die richting te zetten. Ze hebben hun 'position paper' aangeboden aan het kabinet. Die moet Veenhuizen dan op een voorlopige lijst zetten, die wordt voorgelegd aan de UNESCO.
Het is dus nog maar de vraag of het dorp hetzelfde predikaat krijgt als de molens van Kinderdijk of de binnenstad van Willemstad op Curaçao.
In het najaar wordt pas duidelijk of Veenhuizen, waar ook nu nog -naast de 1500 'gewone' bewoners- enkele honderden gevangenen wonen in drie penetentiarie inrichtingen, op de voorlopige Nederlandse lijst komt.
Burgemeester Van der Laan is uiteraard optimistisch. "Amsterdam wil met de binnenstad ook op de werelderfgoedlijst. Maar Veenhuizen is veel unieker. Mooie binnensteden heb je overal, dit gevangenisdorp is uniek in de wereld". Zo is het maar net!
Deel deze pagina

»
»
»