Een school zonder banken, dat is de 'Bolletjesschool' van het familiebedrijf Bolletje.
Doel van de school is om de kwaliteit van werk en werknemers een impuls te geven en het werk voor werknemers interessanter te maken. Maar ook om de werknemers een kans te geven op de arbeidsmarkt in economisch slechtere tijden.
Vooruitziende blik
Daarmee had het bedrijf een vooruitziende blik. Want omscholing van werknemers wordt in deze tijd van economische crisis gezien als een belangrijk middel om werknemers te laten doorstromen naar ander werk, binnen het eigen bedrijf of daarbuiten.
Bolletje werkt samen met een agrarische beroepsopleiding in Almelo. Maar veel van de lessen worden ook gegeven door "eigen" mensen uit het bedrijf.
Opleidingsplan
Alle werknemers krijgen een persoonlijk opleidingsplan. Dat kunnen ze afronden met diploma's. Die worden ook elders op de arbeidsmarkt geaccepteerd.
Het opleidingsplan is nu een paar jaar bezig en er zijn al resultaten geboekt: het aantal consumentenklachten is gedaald en de werknemers gaan met meer plezier naar hun werk.
#dedede">
'Machine boem' is verleden tijd
Door Pauline Broekema
Hij vindt het niet langer een probleem door zijn kinderen te worden verbeterd.
Sterker nog: het is, kom maar op! Vroeger, ja vroeger, voordat hij de opleiding volgde bij Bolletje, het familiebedrijf in Almelo. Toen schaamde hij zich voor zijn gebrek aan kennis van het Nederlands. De kinderen van Turan Koc zitten op het voortgezet onderwijs. Als er nu een bijeenkomst op school is, als de kinderen besproken worden door hun mentoren, gaat hij mee.
Vroeger was daar geen sprake van. Zoals hij zijn buurman ook niet begreep. `Ik zei hallo, en dat was het. En ik draaide me om. Ik durfde niet te vragen hoe het met hem ging.' Straks, op vakantie, gaan de boeken mee. Want die lidwoorden, het blijft tobben. Maar als hij tegenwoordig een storing doorbelt meldt hij in detail wat er de hand is. En niet langer is zijn befaamde one liner te horen: `machine boem.'
Koc staat aan een productielijn van de vestiging Almelo. Daar werken 250 mensen van wie er ruim tachtig een opleiding volgen.
Meel
Dinant ter Avest was ooit bakker. Zes dagen in de week vroeg op. Brood en banket. Mooi werk maar hij werd langzamerhand een deel van de inventaris. Enkele jaren geleden verhuisde hij naar Bolletje. Met op zak alleen zijn bakkersdiploma. Hij zit in de deegbereiding. Nog altijd lekker tussen het meel. De automatisering neemt een hoge vlucht. Door de hele fabriek. Hij heeft nu een opleiding gedaan op niveau 3. Dat betekent dat hij met zijn diploma overal als operator aan de gang kan. Hij is trots, kreeg er meer zelfvertrouwen door. Als hij eerlijk is, had hij de boeken links laten liggen als hij er voor terug had gemoeten naar de schoolbank. `Het was belangrijk voor me dat de lessen op de fabriek gegeven werden. Vaak door eigen mensen. Niet saai, zoals op school.
De Bolletjeschool
De jonge Harold Doldersum bracht het tot teamleider. Niet dat hij weg wil bij de beschuitfabrikant maar met dit papiertje kan hij overal aan de slag.
Johan Leferink hoort de verhalen aan van zijn mensen en glundert. Hij is de architect van wat in de wandeling de Bolletjeschool heet. Wat als mensen weigeren een opleiding te volgen? Leferink zegt dat er geen sprake is van dwang. Maar mensen die niet willen `leren' blijken zich uiteindelijk niet thuis te voelen in de bedrijfscultuur.

»
»
»