De politie zal gedeeltelijk meewerken aan de nieuwe plannen van het kabinet om huiselijk geweld terug te dringen. Vanaf 1 januari moet de politie een huisverbod opleggen aan mannen die huiselijk geweld plegen, of daarmee dreigen.
De pleger mag dan tien dagen lang zijn woning niet meer in en geen contact opnemen met partner en kinderen. Houdt hij zich niet aan dit verbod dan staat hem een maximale gevangenisstraf van twee jaar te wachten.
Tijdens die afkoelingsperiode gaat de pleger onder begeleiding van de hulpverleners aan de problemen werken die het geweld hebben veroorzaakt.
Niet op orde
Maar daar zit het probleem. Bijna de helft van de gemeenten heeft die hulpverlening nog niet geregeld. Zolang die hulpverlening niet op orde is, gaat de politie in die gemeenten geen huisverboden opleggen, zegt Mariëtte Christophe, Landelijk Programmaleider Huiselijk Geweld van de politie.
De hulpverleners spelen volgens haar een cruciale rol om te voorkomen dat de plegers opnieuw de fout ingaan. De politie denkt dat de mannen zonder hulp zelfs meer huiselijk geweld zullen gebruiken. Ze houden zich dan niet aan het verbod en gaan gewoon weer naar huis. Met het risico dat ze wraak nemen op de partner die de politie erbij heeft geroepen.
Een meerderheid van de Tweede Kamer is boos dat politie en gemeenten de afspraken met het kabinet niet volledig nakomen. De partijen vinden dat het huisverbod op 1 januari in hele het land moet ingaan. Minister Ter Horst van Binnenlandse Zaken moet dat eisen van de politie en gemeenten, vindt de Kamer.
Als de vrouwen merken dat er niets aan de problemen gedaan wordt, durven ze de volgende keer niet meer de hulp van de politie in te schakelen. En meestal wachten vrouwen al veel te lang - gemiddeld na 33 mishandelingen - met het doen van de eerste aangifte.
Traag
Maar het probleem is groter. In de gemeenten waar de politie wel van start gaat, is de hulpverlening vaak niet goed geregeld. Er is te weinig personeel, geen of nauwelijks expertise en er wordt te traag gehandeld. Dat zegt Lienja van Eijkern van het Advies- en Steunpunt Huiselijk Geweld Groningen.
Daar is de afgelopen jaren geexperimenteerd met het huisverbod. Bij de meeste gemeenten komt de hulpverlening volgens haar te traag op gang, soms hoeft dat pas binnen 48 uur te zijn.
De plegers zijn vlak na het incident wel bereid om mee te werken met de hulpverlening, maar als die pas de volgende dag van start gaat, is het te laat. De partners maken het dan weer goed met elkaar en de man mag weer thuis komen wonen. En dan is het wachten op een nieuwe uitbarsting want de onderliggende problemen zijn niet opgelost. Zo bleek tijdens de proef in Groningen.
Andere gemeenten hebben slechts enkele coaches in dienst genomen, die verantwoordelijkheid zijn voor het regelen van de hulpverlening. Volgens van Eijkern onderschatten de gemeenten het aantal meldingen van huiselijk geweld die zullen komen. Die kunnen die paar coaches volgens haar niet aan. Met als gevolg dat gemeenten al heel snel "nee" moeten gaan verkopen.
Tot slot hebben gemeenten het huiselijk geweld ondergebracht bij de reguliere hulpverlening, die vaak de kennis en de tijd niet hebben om de problemen aan te pakken.
Verergeren
Zowel de politie als van Eijkern zijn bang dat deze nieuwe wet de problemen eerder verergeren dan oplossen. Ze vinden dan ook dat gemeenten de hulpverlening zo snel mogelijk op orde moeten krijgen. Want volgens hen is het huisverbod wel een effectief middel gebleken in de strijd tegen het huiselijk geweld. En dat het probleem groot is, blijkt ook wel uit de volgende cijfers:
- In 2007 zijn 64.822 incidenten van huiselijk geweld geregistreerd. Dat zijn 4 incidenten per 1000 inwoners. En dit is nog maar het topje van de ijsberg, want naar schatting wordt maar zo'n 12 procent gemeld bij de politie. De rest ziet er vanaf uit angst voor repressailles of schaamte. Het werkelijke aantal slachtoffers zou jaarlijks uitkomen op zo'n 500.000 slachtoffers, zo blijkt uit een schatting van Justitie. Meer dan meer 40 procent van de Nederlandse bevolking heeft ooit in zijn of haar leven te maken gehad met huiselijk geweld. Hiervan ervaart 10 procent dagelijks of wekelijks deze vorm van geweld.
- Maar het blijft niet alleen bij slaan. Uit onderzoek van de politie blijkt dat in 2007 van alle voltooide moorden en doodslagen dan wel pogingen daartoe 18,8 procent te typeren is als huiselijk geweld. Uit die cijfers blijkt ook dat één op de acht (12.5 procent) slachtoffers van huiselijk geweld tussen de 0 en 18 jaar oud is. En dat van alle 100 mishandelingen er zelfs 27 (27,2 procent) in de huiselijke kring plaatsvinden.
Met het huisverbod zou het aantal slachtoffers aanzienlijk kunnen dalen, denken zowel de politie en de hulpverleners. Maar dat heeft alleen zin als de hulpverlening goed is geregeld. Meteen erbij zijn dus, en dat is in de helft van de gemeenten niet het geval.
Uitleg van het huisverbod:
|
Deel deze pagina

»
»
»