Er wordt steeds meer duidelijk over hoe de dodo er precies heeft uitgezien. Van de loopvogel, die uitstierf in de zeventiende eeuw, zijn voor het eerst nagels, teenbotjes en vleugelbotjes gevonden.
Wetenschappers van het natuurhistorisch museum Naturalis in Leiden onderzochten tijdens een derde dodo-expeditie op het eiland Mauritius in de Indische Oceaan fossielrijk materiaal. Dat materiaal was een jaar eerder al aangetroffen in een massagraf in het moeras Mares aux Songes.
Aardappelzakken
De wetenschappers moesten maar liefst 65 aardappelzakken omspitten. Bij het zeven van het materiaal stuitten ze op 54 dodo-botten, die behoren tot minstens twee dodo-individuen.
Er zijn wel vaker dodo-botten gevonden, maar volgens expeditiecoördinator Kenneth Rijswijk was deze vondst speciaal omdat er voor het eerst hele kleine botjes van de dodo zijn gevonden.
"Door de aanwezigheid van de kleinste botjes is het dodograf één van de rijkste vindplaatsen voor onderzoek naar het dier", alsdus Rijswijk. "Uiteindelijk hopen we het hele skelet te kunnen reconstrueren."
De onderzoekers vonden naast de bijzondere botjes ook nog 3000 andere botten waaronder die van de uitgestorven Mauritiaanse gans, de didosaurus (een hagedis), zangvogels, vleermuizen en reuzenschildpadden.
Voedsel
De dodo, oftewel Raphus cucullatus, leefde alleen op het eiland Mauritius. Het dier had een grote gekromde snavel, was ongeveer een meter hoog en en woog tot 20 kilo. Zijn voedsel bestond uit fruit en planten.
Door de eeuwen heen is de dodo zijn vliegcapaciteit kwijtgeraakt, omdat hij die voor zijn voortbestaan niet echt nodig had.
De duifachtige vogel was de muze van vele kunstenaars.

»